Europa staat er wel wat klein op maar tot daartoe..

31 augustus, 2006, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Vandaag niet vroeg moeten opstaan! Nog twee uurtjes les deze voormiddag en mijn werkweek zit erop. Het wordt les aardrijkskunde en ik ga eerst nog eens in de faculteitsbib snuffelen; een voltreffer, ze hebben juist een nieuwe kaart van de wereld aangekregen, Europa staat er wel wat klein op maar tot daartoe! Van de vriendelijke mevrouw mag ik ze lenen, met of zonder badge. De les verloopt al heel wat comfortabeler dan gisteren, toen ik moest proberen een kaart op het bord te schetsen; intimi kennen mijn onvermoede tekentalenten! Er was echter niets om de kaart op te hangen dus maar enkele studentinnetjes aan het werk gezet om ze vast te houden terwijl ik demonstreer. Na de pauze komen ze met plakband en duimspijkers aandraven, ik mag ze houden want ze kregen ze zelf gratis van de studentenbond. De groep werkt goed mee, en begrijpe wie kan, deze blijken toch zelf voor mijn vak gekozen te hebben en kunnen ook nog uitleggen waarom “Omdat een leraar ons verteld heeft dat het interessant zou zijn”. Gaan eten met mijn Amerikaanse collega Nolan, die nog maar 25 jaar is, maar wel weet hoe de zaken aanpakken; ik meen dat hij van ons allen het hoogste pedagogisch diploma heeft en het meest verdient hier; hij lijkt nogal geïnteresseerd in mijn ervaringen, misschien is het voor zo’n jonge gast die geen zin heeft in eigen land te blijven ook wel interessant om eens een ouwe internationalist te horen praten. Na de lunch nog maar eens gaan proberen op het internet te geraken bij de buitenlandse studenten; het lukt mij niet, maar hun wel! Een jonge Koreaan helpt me uit de penarie met de identiteit en het paswoord van weet ik veel wie en nog enkele trucjes met Chinese menu’s, enfin het lukt en volgende keer roep ik wel terug de jeugd ter hulp. Toeval, mijn oudste zoon is ook on-line; mijn eerste chatsessie vanuit China! Nadien aan de vijver nog wat cursussen gaan voorbereiden voor de tweede helft van het semester, veel komt er niet van want het is opnieuw broeierig en er is geen plek in de schaduw; wanner de zon ondergaat, vandaag al om kwart na zes, komen de spinnen uit de bomen; wat een kanjers; dat geeft niet veel zin om hier te blijven. Bij het avondeten probeer ik na grondige studie van het menu een schotel met zeevruchten te bestellen, en krijg een kom dik zeewier met enkele kleine stukjes varkensvlees; nu ja, slecht is het niet. Nadien met de fiets eens de verste hoeken van de campus gaan verkennen; aanpalend aan de campus kom ik in een nieuwe wijk met luxueus afgewerkte eengezinswoningen, compleet met voor – en achtertuin en garage; de meeste zijn nog niet bewoond en ze zijn de wegen nog aan het aanleggen; aan deze kant van de campus worden overigens ook nog slaapzalen bijgebouwd. Langs een achterpoortje kom ik in de wijk ten noorden van de campus terecht; winkels, resto’s, een groentemarkt… aan het eind van de straatverlichting gooit ik me overmoedig in de duisternis; geen 20 meter verder mis ik op een haar een grote funderingsblok die midden in de weg steekt; eens de verlichting gedaan is het weer het echte China van de derde wereld; slechte bakstenen huisjes, aarden wegels, nog een dorpswinkel van 50 jaar terug; de mensen zitten onder een lamp te kaarten of mahjong te spelen,veel meer toeschouwers dan spelers; twee mannen stoppen juist met Chinees schaakspelen, anders had ik hen kunnen vragen me het eens uit te leggen. De Chinese winkels verkopen bijna allemaal hetzelfde. De bijzondere oogst van vanavond: twee warme bakkers, maar geen enkele die Lieve’s huisgebakken brood evenaart; een grote spiksplinternieuwe school of universiteit met zwembad, een boekenverkoop op de grond op straat waar voor 2 euro de Chinese vertaling van Philip Short’s Maobiografie te koop ligt ( ik heb altijd gehoord dat die zeer kritisch over Mao was; dat heeft de Chinese Jeugduitgeverij toch niet van een vertaling weerhouden; interessant); een rollerskatepiste met beatmuziek (hopelijk maken ze daar deze winter een ijspiste van); één winkel met degelijke kledij waar ik voor ondergoed, sokken,hemden, jeans en trainingsbroek terecht zou kunnen, maar schoenen boven maat 43 heeft hij niet.De hoop op een potje choco of een stukje kaas bij het ontbijt verzwindt, tenzij het voor zaterdag geplande bezoek aan het Jia Le Fu warenhuis – raad maar eens welk dat is – toch nog soelaas zou brengen. Van mijn Amerikaanse collega’s heb ik het adres van een winkel met matrassen en beddengoed gekregen; zij zagen het niet meer zitten om op die harde plank te slapen; ik begin er aan gewoon te worden; we zien wel wanneer Lieve aankomt.

zes uur les, van 8 tot 5

30 augustus, 2006, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Vandaag met frisse moed aan het werk: zes uur les, van 8 tot 5.
Het is mooi zomerweer vandaag, minder drukkend en voor het eerst is de lucht hier helder blauw. Vanwaar komt toch die grijzige waas rond de zon de vorige dagen? Zou het dan toch het beruchte zand uit de Mongoolse woestijn zijn? Het valt me wel op dat er inde flat overal veel stof ligt; wekelijks poetsen zoals ik plande is zeker te weinig.
Terug naar de klas dus; vandaag valt het best mee, de studenten blijken alles te verstaan en ik ga vlot vooruit; in de hoogste klassen zijn ze om één of andere reden moeilijk tot praten te krijgen, misschien verbetert dat nog. Maar de klas Europese aardrijkskunde is erg enthousiast; in de pauze en na de les komen de studenten me uitvragen; mocht het zo altijd zijn dan komt het wel goed. Buiten kom ik Ross tegen die al zes jaar in China woont: hij geeft me wat pedagogische raad; Chinese studenten krijgen dikwijls vervelende lessen waar gewoon uit een boek voorgelezen wordt dat ze nadien maar moeten van buiten leren; hun aandacht in de les blijven houden is niet evident en ze actief maken evenmin, maar na enkele weken betert het wel wanneer ze gewoon zijn aan de andere stijl. Zoals al de andere buitenlandse leraars is ook hij min of meer zijn land ontvlucht – in dit geval Groot-Brittannië; ontgoocheld over Blair die de slippendrager van Bush speelt, enz. Hij zowel als Jennifer nemen regelmatig gedurende het weekend in andere Chinese steden het officiële Engelse taalexamen af, waarvoor ze door de Britse staat betaald worden; daarmee komen ze zelfs aan een decent inkomen naar Europese normen. Hij weet veel van het reilen en zeilen hier en houdt zich zoals Jennifer op de vlakte om over het regime te oordelen.een sympathieke kerel die alleen in een flat woont in een nieuwe stadswijk, nog verder van de stad maar op nog geen 10 minuten fietsen van hier.
Intussen heb ik ook begrepen hoe het systeem hier werkt: om vijf uur vertrekt het volledige vast personeel per bus of met eigen vervoer naar huis, buiten de campus; alleen de een of twee dozijn buitenlandse leerkrachten blijven verloren achter in een menigte van 25.000 jongeren; ze zullen me hier wel al snel kennen, nu al krijg ik op straat groeten van lieftallige Chinese meisjes – de trend dat 80 à 90 % van mijn studenten meisjes zijn zet zich door. Een raar gevoel te weten dat je de oudste bent die hier s’avonds op de campus tussen al die duizenden rondloopt. Nog een plezante anekdote: de ‘keuzevakken’ die ik moet geven zijn toch wel wat speciaal; vandaag moesten enkele studenten uitleggen waarom ze voor dit vak gekozen hadden; één ervan antwoordde gewoon dat de computer haar eruit gepikt had! Ik heb mijn succes dus toch niet helemaal aan mezelf te danken!
Er is ook nieuws van het praktische front vandaag: 1. Het terugbetalen van mijn vliegtuigbiljet is administratief goedgekeurd en ik kan binnen een achttal dagen mijn geld verwachten 2. De badge van de universiteit zou binnen een dag of twee afzijn 3. De enige computertechnicus van dienst zou binnen een dag of twee onze computer in het gezamenlijke bureel werkklaar maken 3. Van de beamer voor mijn klas die ik vandaag nodig heb, nog geen spoor; maar er zijn wel grootscheepse plannen om er een bij te kopen en die zitten nu voor goedkeuring in de bevoegde echelons; Guo weet me te zeggen dat hij er absoluut voorstander van is me de nodige mediamiddelen ter beschikking te stellen. Alles komt dus wel in orde? En het mooiste komt nog: vanmiddag kreeg ik telefoon van Ma Shu die vanmorgen eindelijk naar de luchthaven gegaan is om mijn kisten op te halen; om 1 uur moest ik absoluut present zijn want de mannen van de kisten kwamen; eindelijk. Om één uur stond er inderdaad een douaneagent klaar met de nodige documenten die ik moet ondertekenen voor de inklaring; de procedure moet nog starten! Volgens hem duurt dat een week; het magazijn vraagt intussen 8 euro per dag; met de tien dagen die al verloren zijn belooft dat een mooie rekening te worden!
Voor wie over google earth beschikt, hierbij voor de fun de handleiding die je moet toelaten me te vinden.
Enkele kilometers ten noorden van het centrum van Shenyang zie je een enorm park met een soort verkleinde versie van de verboden stad; er loopt een brede straat door die vanuit het centrum pal noordwaarts gaat; volg deze straat enkele kilometers tot je aan de grote ringweg komt (die loopt helemaal rond de stad); ongeveer een kilometer voorbij de ring ligt de campus aan de oostzijde van de grote baan.
De campus heeft een heel grote open vlakte aan de ingang. Meer naar het oosten toe ligt het midden, een groot vierkant plein omzoomd door gebouwen en daar rond een ringvormige weg. Net buiten deze ringstraat ,in het zuidwesten (linksonder dus) bevindt zich een niet al te groot gebouw , min of meer in T vorm, met een vijver eraan. Juist ten noorden van dit gebouw bevindt zich een kleiner rechthoekig gebouw. Daar wonen de buitenlandse leraars, ik op de tweede verdieping.

Ik heb hier ook een telefoon nr. 00862486574334; voor wie een goede operator heeft is telefoneren naar China tegenwoordig spotgoedkoop; wel rekening houden met zes uur tijdsverschil aub; acht uur ’s avonds voor jullie is twee uur ’s morgens voor mij.

Na het avondeten nog wat gaan wandelen, profiteren van de avondkoelte en filosoferen. Zoals elke avond is het hier vuurwerk, ook vandaag weer drie verspreid over de avond. Om nog maar te zwijgen van de knallers die met honderden ratelen, soms al voor het ontbijt; rare jongens die Chinezen, ze moeten er echt aan verslaafd zijn. Op de campus loopt ook vanavond veel volk rond, heel veel jonge koppeltjes hand in hand ook. Die campus is nog een stuk groter dan ik dacht; voorbij het sportstadium en het superpompeuze Amerikaanse Internationale Business Center ligt nog een splinternieuwe wijk met slaapzalen, ze zijn de wegen er nog aan het aanleggen. Daar nog voorbij is een schijnbaar onbewaakte zijpoort waarlangs ik in een soort nieuwe stadswijk kom; aan de ene kant reusachtige onverlichte gebouwen met een indrukwekkende onafgewerkte triomfboog aan de ingang, aan de andere kant woonblokken met beneden winkels. Redelijk nieuw maar met Chinese rommelambiance. De helft van de etablissementen zijn restaurants of gasten die gewoon op straat brochettes staan te roosteren; ik zie er zelfs een met alleen koppen van vogels; eten alle Chinezen dan elke dag op restaurant? Het zal bijna moeten, want ook in deze straat staan overal venters van fruit maar geen enkele van groenten. De andere helft van de winkels is meestal ondefinieerbaar; allicht verkopen ze niets maar zijn het allerlei diensten. Het enige interessante in de straat is een luxe bakkerij, met echt Frans stokbrood, wattig grijs brood en taartjes die ook bij ons niet zouden misstaan; de prijs misschien evenmin, tussen 50 cent en een euro per stuk; Chinese topklasse. Vlak bij de campus ligt nog een luxueus hotel, de naam ben ik vergeten maar het begint zoals alle prestigezaken in China met ‘Golden…’; er is een boetiek met dure dameskledij en Louis Vuiton handtassen. Daarnaast iets dat uit de sprookjes van duizend en één nacht komt, en zichzelf aanprijst als ‘natural bath’; voor alle zekerheid ga ik eens kijken of het geen gewoon zwembad is; niet dus…naar de prijzen te oordelen is het sauna met massage en allicht nog iets met een rozig hartje bij; een dozijn stijf uitgedoste bedienden groeten mij uit. In het sportstadium lopen koppeltjes rond in het halfduister; de garde komt een praatje maken; na het onvermijdelijke ‘u spreekt erg goed Chinees’ in antwoord op mijn ‘ni hao’ krijg ik de volle lading; van wat ik begrepen heb vindt hij België een rijk land en wil hij een wedstrijd van weet ik welke sport organiseren tussen de buitenlandse leraars en de ploeg van de garde.

Vanmorgen niveautest voor de Chinese les!

29 augustus, 2006, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Het schriftelijk ‘examen’ is in het Chinees; ik slaag er al niet in om de vragen te begrijpen, laat staan dat ik nog in het Chinees een antwoord zou kunnen schrijven;later blijkt het een multiple choice te zijn en moest er niet geschreven worden! Tot mijn verbazing zit bij de buitenlandse studenten geen enkele beginner. Het lukt me daarentegen redelijk goed om mijn situatie aan de lerares in het Chinees uit te leggen, en mits enige inspanning slaag ik er zelfs in zowat de helft van de karakters in de eenvoudige oefeningen te lezen. De lerares belooft dat ze erover zal nadenken en me laten weten hoe we het zaakje gaan aanpakken.Verder nog wat om en weer gelopen naar de administratie en ontdekt dat een Russische student erin geslaagd is met een van de tien computers toch nog op het internet te geraken; na wat aanschuiven is het mijn beurt om de mail te lezen en de belangrijkste Belgische en buitenlandse persberichten; er zijn nog enkele reacties op het webdagboek een aanmoedigingen voor de eerste lesdag; dat doet goed!
Laatste psychologische voorbereiding en om 1.20H aan de slag voor Shi Chang Yang Xiao; de aandachtige lezer van mijn vorige bijdrage weet zeker nog wat dat betekent!
De eerste klas valt best mee, alle leerlingen – voor 80% meisjes schat ik- zijn aanwezig, voor ik het weet is het al break en ook de tweede helft is zo voorbij.Ik moet wel een aantal keren mijn uitleg herbeginnen want ze verstaan het niet maar voor de rest werken ze goed mee om voorbeelden te zoeken; wegens de trage vooruitgang alleen de meest basic dingen van het hoofdstuk kunnen uitleggen; en zeggen dat mijn gepland exposé al een grove vereenvoudiging was van wat in het officiële Amerikaanse handboek staat; ik geloof niet dat ook maar één van de studenten één hoofdstuk van dat boek volledig zal lezen; de klasverantwoordelijke , ontzet wanneer ze ontdekt dat het om een kanjer van 800 blz. gaat, geeft me op de valreep nog de goede tip om in het boek de hoofdpunten voor hen aan te duiden; bedankt meisje! De tweede klas is een stuk minder – het zou kunnen doordat ze in dit zevende en achtste lesuur van de dag aan het eind van hun Engels zijn, maar de grote hoop blijkt niet te begrijpen wat ik probeer uit te leggen, ook niet na verschillende pogingen; ik spreek te vlug ( ik te vlug?!) , ze verstaan mijn accent niet enz.; de aandacht naar vijf uur toe verslapt hoorbaar en zowel zij als ik zijn content dat het erop zit; voor deze groep moet het duidelijk nog een heel stuk simpeler.
Vanavond wordt het duchtig werken om het concept voor morgen – zes uur les, twee andere vakken- om te gooien; vooral zorgen dat het belangrijkste eerst komt, zodat ik me naar het einde toe kan veroorloven tijd te verliezen. Ik heb aan de twee groepen ook uitgelegd dat ik van hen huiswerk verwacht gedurende het semester – naar men mij zegt is er immers geen examen. Dat is redelijk goed verlopen; benieuwd naar de eerste resultaten volgende week, waaruit zal blijken wat ze begrepen hebben. Het leven van een leraar is niet Gemakkelijk!
Na de les nog even een gesprek met mijn chef Guo; sympathieke gast, die in de USA en Oxford gestudeerd heeft en ondermeer Engelse poëzie doceert; ze verwachten nog twee buitenlandse leraars en zullen dan een bijeenkomst voor ons organiseren; niet alleen over het werk, hij belooft ook initiatieven voor onze vrije tijd, met ondermeer culturele uitstappen.
Intussen begint het groepje buitenlandse leraars hier wat meer samen te klitten; ik ben al drie keer met sommigen van hen gaan eten: de jonge Amerikanen Kael en Nolan, de wat oudere Brit Ross die een eind verder in een nieuwe wijk buiten de campus woont, en mijn Britse leeftijdsgenote Jennifer. De jongeren zien China als een interessant begin van hun carrière, Jennifer die in Engeland in orde is met pensioen en ziekteverzekering ervaart het als een boeiende fin de carrière; allen slagen zij erin om het einde van het jaar met een mooie spaarpot te beëindigen; het is waar dat het leven hier niets kost zolang je niet gaat reizen en zij blijkbaar allemaal een heel stuk meer verdienen dan de 350 euro per maand die mij oorspronkelijk aangeboden werden. Kael heeft een Chinese vriendin in het Zuiden die in oktober overkomt; of ze van de universitaire overheid zal mogen logeren op de campus is niet duidelijk; Jennifer biedt zich aan om inlichtingen in te winnen, ze zal gaan vragen of haar fictieve Chinese vriend bij haar op bezoek mag komen. Nolan heeft op zijn eerder bezoek aan Shenyang blijkbaar al enkele Chinese studentes op de campus het hoofd op hol gebracht en heeft elke avond een afspraakje; zijn GSM belt voortdurend; zolang je van je eigen studentes afblijft is het geen probleem, denkt hij. De discussies zijn dikwijls politiek; voor Bush heeft niemand een goed woord over – ik denk dat Kael nog antioorlog activist geweest is in Amerika. De jongeren staan erg sceptisch tegenover wat zij het Chinese socialisme tussen haakjes noemen. Jennifer die hier al zes jaar werkt , ondermeer in een kleine stad in het arme deel van de provincie Gansu en het land echt in de diepte lijkt te kennen, houdt zich meer op de vlakte.

Officiële eerste dag van het academiejaar.

28 augustus, 2006, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Drukke bedrijvigheid alom. Ik pas me stilaan aan het Chinese uur aan en sta al om half acht op.Eerst wat administratie: Ma Shu zal proberen morgen de kisten van de luchthaven af te halen – ze staan er al een week en dat kan niet goed zijn. Aan deze unief hangt alles af van je badge; ik laat dus maar rap de gevraagde pasfoto’s maken – één dag wachten om ze af te drukken. Zonder badge moet ik zelf mijn middagmaal blijven betalen – aan minder dan een euro Gemiddeld maakt dat wel niet veel uit – , maar krijg ik evenmin een computerpaswoord in de flat.Bij Owen geweest om aan te dringen op de beamer voor mijn klas aardrijkskunde.Volgens hem moet die door tien leraars gedeeld worden en wordt dat een moeilijke onderhandeling. Lesschema’s afgedrukt in de bib want bij Owen zij nu de twee drukkers buiten gebruik. Sleutels gekregen van ons bureel met één computer voor drie; het paswoord van Owen tijdelijk gekregen om op het internet te kunnen gaan (gisteravond, na één dag, waren alle computers voor buitenlandse studenten al geblokkeerd voor het internet) maar dit exemplaar blijft zelfs steken op een Chinees openingsscherm. Hij belooft een bevoegd technicus te zullen raadplegen.Gaan lobbyen voor de beamer bij Veronica. Heb haar ook gevraagd hoelang het eerste semester nu echt duurt: volgens haar lessen tot 7 januari, volgens Guo tot 24 december; maar het is zoals ze zegt allemaal erg gecompliceerd want het definitieve antwoord moet van hogerhand komen; ik krijg wel info wanneer het zover is. Ze is ook de eerste Chinees die vragen stelt over mijn motivatie en achtergrond om naar hier te komen. Verder een discussie over wat ik volgende semester of eventueel volgend jaar kan geven; ze wil precies dat ik er dan nog andere vakken bijneem of verander; ik leg er de nadruk op dat deze cursussen nieuw zijn en me al veel energie kosten en beloof diplomatiek als een Chinees om de zaak ter gelegener tijd te bekijken. De fameuze badge zal me ook toegang moeten geven tot het gymnasium; ik ga toch maar eens kijken, stel me voor als buitenlandse leraar en mag zonder formaliteiten binnen. Je kan hier van alles: pingpong, snooker, wushu (de Chinese voorvader van karate), badminton enz; maar niet zwemmen, helaas voor Lieve. Zeker op te volgen.
Uiteindelijk met lood in de schoenen begonnen aan de ultieme voorbereiding voor mijn lessen die morgen aanvangen. Het gaat redelijk goed en rond 16H besluit ik een kleine verkenning van de omgeving te maken per fiets. De vriendelijke huisbewaarder schetst me twee plaatsen in de buurt waar vers voedsel te vinden is. Ik kom na minder dan een kilometer in het China van twintig jaar geleden terecht; onverharde modderige stegen, gebouwen zonder verdieping, overlopende rioleringen, vuiligheid alom; en massa’s restaurantjes en winkeltjes. Eén ervan is wat groter, een soort dorpssupermarkt; ik koop er rijst, olie, peper; er is ook nogal wat keuze aan koekjes, chocolade en alcohol. Wat verder is inderdaad de gezochte groentemarkt met een groter dan verwachte keuze; alles voor consumptie heel grondig te reinigen, de omgeving is ver van appetijtelijk; er is ook vers vlees en levende vis te koop. Zowat alles is hier volgebouwd, vermoedelijk zijn het toch geen boeren die hier wonen maar enkele van de meer dan honderd miljoen interne gastarbeiders.
Terug op mijn kamer Jennifer en twee jonge Amerikanen tegengekomen, Kyle, vannacht aangekomen uit Indianapolis, en Nolan uit Californiëdie ik al ontmoette. Van het een komt het ander en we belanden allemaal samen in mijn flat rond alle koppen thee die ik kan vinden plus mijn klein pakje koekjes en chocolade. Interessant gezelschap, de anderen werken allemaal al enkele jaren in het buitenland, in China maar ook elders. Na de gezamenlijke studie van de werking van de verticale wasmachine – enkel met koud water?- en de elektrische kookplaat, kabbelt het gesprek verder over China en onze respectievelijke landen/culturen. Er valt moeilijk op te tornen tegen die assertieve Amerikaanse jongeren – ik heb trouwens nog altijd moeilijkheden met hun taal.Dat belooft nog interessante discussies. En passant verneem ik dat zij allemaal iets meer dan 500 euro per maand verdienen; als je een beetje zuinig leeft kan je daar 300 of 400 euro van sparen, nog geen fortuin wanner je in eigen land geen sociale zekerheid hebt, maar toch…Om zeven uur zitten ze er nog en mijn lesvoorbereiding is niet af! Ik stel dan maar voor samen een kom noedels te gaan eten en kan pas om acht uur terug aan de slag voor de laatste twee uur. Schoenen poetsen en propere kleren klaarleggen voor morgen…

Vandaag geen rustdag.

27 augustus, 2006, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Na een laat ontbijt –het Chinese brood bleek een krentenbrood maar voor de rest watten- even de straat op. Het weer vandaag is aangenaam warm, licht overtrokken. De campus bruist; overal lopen studenten rond en er staan zeker tien autobussen op de parking. Het ‘koopcentrum’ is nu officieel open. Je vind er alles wat jongeren kunnen nodig hebben, van mobiele telefoonkaarten tot een grote keuze aan junkfood. Gelukkig ook fruit; de druiven en meloenen zijn zelfs naar Chinese normen betaalbaar. Maar teepot, rijst of groenten zijn niet te vinden; een Chinese student vertelt me later dat zij niet mogen koken op hun kamer.Ik koop een ‘goedkope’ internationale telefoonkaart, volgens de verkoper kost het ongeveer 30 eurocent per minuut- en nog wat huishoudelijke rommel.
Ma Shu werkt ook al vandaag; ze heeft 8 fotos van mij nodig; voor zowat alles is een pasje nodig. Voor sport kan ik terecht in het gymnasium –nadat het pasje zal Gemaakt zijn-, maar helaas is er geen zwembad op de campus. Helaas is de fotograaf om 11.30 al gaan eten; morgen beter. En passant Guo alias John tegengekomen, die me een leerplan voor elk vak vraagt. De Chinese les voor buitenlanders vangt dinsdagmorgen om 8.00H aan met een niveautest; buitenlandse professoren mogen wel gratis naar de les komen luisteren, zegt Ma shu, maar niet actief deelnemen; dat is voorbehouden aan betalende studenten! Voor het gebruik van de computer blijkt dat er in ons gebouw een echte computerzaal is , met een tiental toestellen. Om die dingen op het internet te krijgen moet je echter de juiste procedure volgen, met inbegrip van paswoorden; het kost me drie keer over en weer om telkens te vernemen dat Ma Shu nog een detail vergeten was, maar deze keer moet het lukken. In haar bureel mijn jonge Amerikaanse collega tegen het lijf gelopen –zijn naam al vergeten; hij is ook voor het eerst in Shenyang maar gaf reeds vorig jaar les in China. Verder ook een Filippino die Engelse les geeft; hij woont met vrouw en vier kinderen in de stad waar hij aan een andere school les gaf en weet niet of hij zal verhuizen; een enkele rit naar het werk kost hem telkens 3 euro aan taxi.
Na het internetten in het zonnetje aan de rand van de lotusvijver mijn leerplannen gaan opstellen. De jonge studente aan het andere eind van de bank muist er al snel vanonder. De volgende is interessanter: een kerel die een postgraduaat burgerlijk en commercieel recht volgt (en dat allemaal aan een normaalschool?). Hij blijkt afkomstig uit een boerendorpje van 500 inwoners, en is de enige afgestudeerde universitair.Zijn ouders verdienen 400-500 euro per jaar en zijn niet de slechtste van het dorp. Zijn collegegeld bedraagt 900 euro. Niet te verwonderen dat hij zijn postgraduaat van drie jaar in twee jaar wil afhaspelen. Nadien wil hij in de Speciale Economische Zone Shenzhen advocaat worden, geld verdienen en naar Australië gaan studeren. Volgens hem is het leven van de arme boeren sinds 1949 nauwelijks verbeterd; Mao is wel erg populair op het platteland en bij de ouderen, maar volgens hem onterecht; als je ziet hoe Mao zijn vrouw Jiang Qing toeliet een luxeleventje te leiden, er wordt verteld dat ze een WC-bril met diamanten had!- dan kan hij geen goeie geweest zijn. De huidige regering is erg geliefd bij de boeren sinds ze de landbouwbelasting afgeschaft hebben; ze zijn ook tegen de corruptie maar die is volgens hem nog heel frequent: ambtenaren frauderen op grote schaal: ze nemen landbouwgrond van de boeren terug tegen een pachtrecht, en verkopen diezelfde grond van de staat voor een veelvoud aan projectontwikkelaars; onderweg blijft een stuk van het verschil aan hun vingers plakken. Op het platteland hebben de boeren daartegen geen verhaal, in de steden is er meer weerstand met succes. Ook advocaten hebben het volgens hem moeilijk op het platteland: wanneer ze de rechten van dorpelingen verdedigen komen ze in aanvaring met de plaatselijke bestuurders; maar zelfs in gewone rechtszaken zien de ongeschoolde rechters op het platteland soms geen verschil tussen de beschuldigde en zijn verdediger en is al meer dan een verdediger voor een futiliteit achter de tralies terechtgekomen. Volgens hem moet China meer een rechtsstaat worden met minder willekeurige macht voor ambtenaren; in één adem voegt hij eraan toe dat directe verkiezingen van de leiders nodig zijn (geen getrapte zoals nu) en dat er beter meerdere partijen zouden zijn. De duisternis valt al in wanneer ons gesprek een geanimeerde wending neemt en we moeten allebei weg. Hij stelt voor nog eens af te komen. We zien wel, dit plekje aan de vijver wordt allicht mijn favoriet zolang het warm blijft.

    About us

    Frank en Lieve waren al vrienden van China, voor ze elkaar leerden kennen.
    Hij bewondert de Chinezen voor wat ze in enkele decennia verwezenlijkten en volgt met belangstelling de evolutie van het Chinese socialisme. Hij was ingenieur en bezocht China beroepshalve zowat 50 maal. Hij was voorzitter van de Vereniging België-China en bestuurder van de Belgisch Chinese Kamer van Koophandel; hij schrijft in het tijdschrift China Vandaag en geeft regelmatig conferenties over China. Na zijn pensioen gaf hij sinds augustus 2006 als vrijwilliger les aan de Shenyang Normal University.

    Zij is kunstschilder en bezocht China drie keer: in 87 individueel; ze had al andere ontwikkelingslanden bezocht en was onder de indruk: iedereen in dit gigantische land had eten, een woning en nette kledij. In 88 werd ze officieel uitgenodigd om een tekenwedstrijd te jureren. In '89 gaf ze een reisverslag, geïllustreerd met haar schetsen uit: 'Kanttekeningen uit China'. Een selectie van haar schilderijen zijn te zien op: lievedejonghe.be.

    Sinds de zomer van 2008 zijn ze terug in België, waar ze verder activiteiten rond China ontwikkelen..

    Links
    Admin