Tiexi

9 september, 2006, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Het poetsen duurt langer dan vorige week. De ruiten zijn zo goed als ondoorzichtig en dus speel ik maar ruitenwasser. Rond elf uur dan toch vertrokken naar de stad, onder een koude loodgrijze hemel. De goden zijn met mij, ondanks de vele wolken krijg ik een droge dag.
Al bij de eerste kilometers ontdek ik nog maar eens een andere universiteit; Mao stuurde alle Chinezen naar de lagere school, Deng stuurde ze naar de middelbare school en zijn opvolgers hebben besloten de achterstand in het hoger onderwijs op te halen; nieuwe universiteiten overal, zeer jonge professoren; China produceert nu al een half miljoen ingenieurs per jaar; er is al sprake van onvoldoende jobs voor al die afgestudeerden; met hun technologische achterstand kunnen ze volgens mij toch geen brains te veel hebben?
Ik trap goed door en sta na precies dertig minuten aan de eerste supermarkt; de kleine ring rond het eigenlijke stadscentrum bereik ik na 45 minuten en in minder dan een uur komt de Metro supermarkt in zicht. In de stad gaat het rijden niet snel; voetgangers lopen op het fietspad en de.meeste fietsers rijden op het rechtervak voor auto’s; vervelend zijn de auto’s die op het fietspad rijden, je voorbijsteken en dan ineens afdraaien, een parking op; wanner ze van de tegengestelde richting komen dan zie je ze tenminste nog; fietsers rijden op het fietspad zowel links als rechts en voorbijsteken doe je langs de kant waar je plaats vind; fietsers rijden ook in tegengestelde richting op het pad, en kruisen is iets voor gevorderden; hoe weet je nu aan welke kant die tegenligger wil kruisen? Na enkele bijna botsingen meen ik te snappen dat ze bij voorkeur links rijden!
Vandaag ook weer één bedelaar gezien; een man die zich plat op zijn buik op een karretje met zijn ellebogen voortsleept.
Die supermarkt Metro is een soort Makro, je moet een kaart hebben om binnen te mogen, maar allez, omdat het voor mij is kijken ze niet te nauw.Metro heeft één groot voordeel tegenover Carrefour en Walmart: op de meeste etiketten staat ook in het Engels aangegeven over welk product het gaat; niets zo frustrerend als tegenover een hele rayon producten te staan met Chinese namen en niet te kunnen uitvissen wat het is; dank zij Metro krijg ik de juiste Chinese termen voor tijm en kaneel in poeder te pakken zodat ik ze om de hoek in handelbare hoeveelheid kan gaan kopen! Metro verkoopt immers liefst –uitsluitend?- grote verpakkingen. De Metro is de supermarkt met het ruimste aanbod in Shenyang. Goed om weten, hier zijn zelfs westerse schaakspelen te koop; en een groot assortiment wijnen; en de kazen waar ik al meer dan twee weken naar zocht! De keuze is ruim, de prijs ook; ongeveer de helft meer dan de Belgische prijs; maar kom, een strukje Brie en wat Emmental zal er wel afkunnen. Schoenen van mijn maat zijn er niet! Een lichte paniek begint op te komen…
Ik had gepland vandaag de wijk Tiexi te bezoeken, de beroemde en beruchte industriewijk van Shenyang. Metro ligt aan het begin van de wijk. Mijn Engelse collega had gezegd: de bruggen oversteken en dan zie je het wel. Ik heb nog zelden zo een kluwen van snelwegen, spoorwegen bruggen, op- en afritten gezien en zeker nog nooit per fiets doorworsteld. Tiexi is zowat 4 bij 5 kilometer. Ik heb de wijk helemaal doorkruist van de eerste noordoostelijke straat tot voorbij de 10de zuidoostelijke straat en ben dan twee kilometer verder naar het westen terug helemaal naar het noorden getrokken; de oostelijke kant van de wijk, waar de grootste vervuilers stonden, is onherkenbaar. Het industriële erfgoed dat ik tegenkom bestaat uit een fabriek zonder schoorsteen, met arbeiders in een keurig uniform, een brouwerij die haar geurmerk honderden meters vooruit stuurt, en drie vervallen spoorwegen; die mistroostige spoorwegen zijn het enige dat me doet denken aan de film van Wang Bin over de wijk, vóór de grote verandering. Verder zie ik: hoofstraten met zes rijvakken, appartementsblokken, burelen, hotels en restaurants ( wie zou niet graag in de ‘Royal Fortune’ logeren?), winkels, supermarkten, een soort pretpark in opbouw, nog appartementsblokken en heel veel reusachtige bouwwerven. De opdracht hier was simpel: neem een stad als groot Charleroi, gooi alle verouderde en/of vervuilende fabrieken plat en maak er woon- en handelszones van; herbouw de beste fabrieken 20 kilometer verder in een Gemoderniseerde versie; en zorg ervoor dat de werklozen niet in opstand komen. Allen dat laatste leverde problemen op: in 2002 waren er hier grote rellen me arbeiders die te weinig pensioen of dopgeld kregen; volgens Ma Shu is de toestand intussen veel verbeterd.
Het oostelijke deel van Tiexi is vandaag een snelgroeiende welvarende nieuwe stad; ten westen van de hoofdstraat die me terug naar het noorden brengt staan heel wat fabrieken die er modern uitzien. Ook daar is de kaalslag begonnen en alles van meer dan 20 jaar oud moet er onherroepelijk aan; hier en daar staat in de verte nog een bosje schoorstenen, ik zie maar één grote schouw waar rook uitkomt. Tiexi is zo trendy geworden dat in de wijk al twee Carrefour’s zijn; ik ga binnen in één ervan; zoals die van vorige week is ook hier de hele benedenverdieping volledig gereserveerd voor kleine boetieks; er is een hele straat met schoenwinkels; bij de tiende of zo heb ik beet; mijn maat is er en ik kan zelfs kiezen uit drie modellen; de keerzijde van de medaille: de schoenen kosten 36 Euro, 3 à 4 keer de normale prijs in China; nu maar hopen dat ze héél goed zijn.
Ik probeer terug te keren naar de universiteit via kleinere straten in de buitenwijken; ook daar hetzelfde liedje: afbraak en opbouw. Op mijn enigszins verouderde kaart staat op een moment een kronkelig weggetje getekend dat me toelaat een grote baan te vermijden; na enkele honderden meters verdwijnt het asfalt; ik ploeter verder over een modderige weg; het staat op de kaart, dus moet het kunnen! Het weggetje voert naar een groepje armetierige huisjes tussen rommel en afval; en daar stopt het dan…. Geen nood, de bewoners staan buiten en in mijn beste Chinees vraag ik de weg naar de grote baan. Dat is Gemakkelijk , zeggen ze; terwijl de volwassenen discussiëren over wat die vreemdeling hier verloren heeft, tonen de kinderen me de weg. Via de binnenkoer van een huisje, en een smal gangetje (het stuur van de fiets passeert juist) komen we op een andere modderpad dat achterom loopt. Vijftig meter verder sta ik in een mooi park met nieuwe appartementsgebouwen; de 19e en de 21ste eeuw op enkel pedaaltrappen van elkaar…Ik rijdt verder langs nieuwe straten die nog niet op mijn plan staan, kom nog langs een boerenmarkt waar uien te koop zijn – ik aarzel niet en ruik de lekkere uiensoep al.
Het is bijna zes uur wanner ik flink vermoeid thuiskomt; die maximum vijfentwintig kilometer tellen voor honderd, het is natuurlijk wel zo dat in Shenyang veel vals plat is,en de wind venijnig kan blazen; maar toch, ik begin te denken dat het merk Strong niet slaat op de eigenschappen van het vehikel, maar wel op de vereisten voor de chauffeur die er wil mee rijden!
Ik weet niet of er vandaag iets speciaals te doen is, maar onderweg kruisen me wel honderd triporteurs die recuperatiemateriaal ophalen; ze rijden door de straten en maken zich kenbaar door twee blikken plaatjes tegen mekaar te slaan; wat ze juist ophalen kom ik niet te weten, alles is in zakken opgestapeld.
Onderweg ben ik kort bij een pagode en nog enkele andere monumenten gepasseerd. Mijn volgende stadsbezoek – volgend weekend?- wordt een culturele uitstap met misschien een bezoek aan het stedelijk museum.
Mijn eerste kookexperiment wordt een faliekante mislukking; wat ik voor een bus bakolie hield blijkt een soort soyasaus te zijn; en het blik ‘pilchards’ bevat een of andere gedroogde vis , met graat en een smak zwarte bonen in pikante saus. Mijn eerste poging om aan de Chinese kruiden te ontsnappen is grandioos mislukt; maar ik blijf dromen van rijstpap of uiensoep… wordt vervolgd.

    About us

    Frank en Lieve waren al vrienden van China, voor ze elkaar leerden kennen.
    Hij bewondert de Chinezen voor wat ze in enkele decennia verwezenlijkten en volgt met belangstelling de evolutie van het Chinese socialisme. Hij was ingenieur en bezocht China beroepshalve zowat 50 maal. Hij was voorzitter van de Vereniging België-China en bestuurder van de Belgisch Chinese Kamer van Koophandel; hij schrijft in het tijdschrift China Vandaag en geeft regelmatig conferenties over China. Na zijn pensioen gaf hij sinds augustus 2006 als vrijwilliger les aan de Shenyang Normal University.

    Zij is kunstschilder en bezocht China drie keer: in 87 individueel; ze had al andere ontwikkelingslanden bezocht en was onder de indruk: iedereen in dit gigantische land had eten, een woning en nette kledij. In 88 werd ze officieel uitgenodigd om een tekenwedstrijd te jureren. In '89 gaf ze een reisverslag, geïllustreerd met haar schetsen uit: 'Kanttekeningen uit China'. Een selectie van haar schilderijen zijn te zien op: lievedejonghe.be.

    Sinds de zomer van 2008 zijn ze terug in België, waar ze verder activiteiten rond China ontwikkelen..

    Links
    Admin