gereserveerd voor de VIPS
Vandaag een soort hittegolf, het is opnieuw aangenaam herfst met zuidenwind.
Om 18.00H naar een optreden van Wang Ying geweest , althans naar het eerste stukje. Die Wang is hier afgestudeerd en heeft het tot in de finale van het Chinese Idool gebracht. Zaal afgeladen vol, ik schat minstens vijfduizend voor vierduizend zitjes. We beginnen met drie kwartier vertraging ondermeer omdat erg geen plaatsen gereserveerd waren voor de VIPS, en eer men de beste plaatsen voor hen ontruimd krijgt duurt het wel wat. Voorprogramma een flauwe moppentapper, een kakofonische opname van een soort repetitie, met projectie op twee schermen die voor het grootste deel van de toeschouwers onzichtbaar zijn, een groepje fantastische hiphoppers of zijn het breakdansers? Ze rollen over de grond, tollen op hun hoofd, springen op één hand vooruit… Dan komt de maestro met een half dozijn muzikanten, dito zangeressen en trossen begeleidende dansers, allicht studenten van de unief zelf. De zaal gaat uit de bol, overal wordt driftig met lichtgevende slingers gezwaaid. Na een nummer of twee houdt ik het wel voor bekeken, ik ben geen fan van het songfestival.
Vandaag nog maar eens tussen de studie door de fiets op, den boer op.
Het weekend vliegt voorbij zeker wanneer je probeert Chinees te studeren; frustrerend…
Gisteren er toch even op uit getrokken, bezoek aan Beilin park en de Qing graven.Hier ligt de laatste Qing keizer begraven die nog in Shenyang heerste; zijn opvolger werd keizer van heel China in Beijing. Het mausoleumcomplex is bijna vierhonderd jaar oud en indrukwekkend. Gebouwen en tempels voor van alles en nog wat, een toegangslaan met levensgrote stenen dieren, en helemaal achteraan een enorme grafheuvel. Een soort Verboden Stad in miniatuur. De Qingkeizers kwamen hier om de paar tientallen jaren terug om hun voorvader te herdenken, de traditie stopte maar met de opiumoorlog en het snelle verval halverwege de negentiende eeuw. Een interessante tentoonstelling over de architectuur van mausolea in China. Aansluitend een bezoekje aan de winkelstraat Bei Hang, één van de drie verkeersvrije winkelstraten in Shenyang; exclusieve en minder exclusieve winkels, restaurants, cafés en patisserieën, enkele koopcentra…ik slaag er niet in de winkel van de Belgische wafelenbakker te vinden, had wellicht toch beter eerst eens getelefoneerd. Hier wordt veel gekocht en nog veel meer gewindowshopt. Keuze te over. Er is ongetwijfeld armoede in Shenyang maar hier zie je ze niet. Tenzij dan de bedelaars: op de stoep zitten ze, met of zonder baby, op de knieën en buigen als knipmessen voor iedere voorbijganger. Plattelanders met getaande huid; het lijkt erg op de Roemeense bedelaars in Brussel;de meeste Chinezen lopen er onverschillig voorbij; als die gasten het er voor over hebben zo te leven om iets meer te verdienen dan moet de toestand in het diepe binnenland toch wel erbarmelijk zijn.
Vandaag nog maar eens tussen de studie door de fiets op, den boer op. Het is zonnig en niet te koud weer. Hier rond de grootstad leven de boeren niet slecht. In de dorpen waar ik deze keer doorrijd wonen de boeren niet in rijhuizen met moestuintje, maar op een echt erf, meestal met enkele koeien, kippen, ganzen en geiten. Veel huizen zijn (ver)nieuw(d): bungalows met een voorgevel bekleed met glanzende tegels. De maisoogst is al een tijdje binnen, maar het ophalen van de stengels is nog volop bezig: manueel afsnijden en opladen op muilezelkarren of een zeldzaam tractortje.Wat ze daar mee doen weet ik niet: veevoeder of brandstof? Ik ken hier in Shenyang nu al twee buitenlanders die technologie willen invoeren om het spul te vergisten en er biogas of fuel van te maken; de ene wil een heuse fabriek bouwen en daar al het afval heenvoeren, de andere wil een verplaatsbare machine die in elk dorp de afval gaat verteren.
Het valt me ook op dat er in die dorpen meer kleine fabriekjes en ateliers zijn dan ik eerst dacht; het iets groter staatsbedrijf dat ik in één van de dorpen tegenkom staat te vervallen; het heeft nochtans een bureelgebouw met drie verdiepingen, een betegelde gevel en blauw reflecterend glas. Dankzij mijn verbeterde kennis van Chinese karakters ontcijfer ik een met de hand geschilderde boodschap op een dorpsmuur: hier komt elk uur in de twee richtingen zelfs een bus(je?) voorbij.
Er lopen hier ontzettend veel honden rond, gelukkig erg brave; maar vandaag bespied ik de mormels toch met extra aandacht: China is in de ban van hondsdolheid; bijna vierhonderd doden in september; in alle grote steden zijn speciale hondenbrigades bezig met illegale honden op te pakken voor vaccinatie – de meeste honden zijn illegaal want een penning kost heel veel; wat er op de buiten gebeurt weet ik niet.
De dorpen rond Shenyang zijn het koninkrijk van de driewielers: driewieler ‘camions’, driewieler taxi’s, driewieler overdekte brommers die ook als taxi dienen – ik kan ze per fiets bijna bijhouden -, en alle soorten triporteurs.
De tocht door het platteland doet me soms denken aan Brabant; na een goede twee uur ben ik echt bekaf.
dringend bijstuderen!
Vanmorgen nog maar eens Chinese les, het gebrek aan studie de laatste week begint zich te laten voelen en ik ga af als een gieter; dringend bijstuderen!
Om elf uur afspraak met Michael, die me een ‘tof kaffee’ zal tonen. Dat klopt nog ook, de keet ziet eruit als een echt kaffee; op honderd meter van de noordelijke poort van de campus, ik ben er dikwijls voorbijgereden zonder erop te letten. We zitten er wel helemaal alleen, daar zijn de prijzen niet vreemd aan; die kunnen mee met de betere tavernes bij ons; pas rond één uur begint er aan een andere tafel een soort verjaardagsfeestje met taart. De ‘manager’, een jongedame die pas in Singapore afgestudeerd is, moet onze namen, telefoons en geboortedata hebben; de fantastische koffie van het etablissement – er staan zeker twintig soorten op het menu – is spijtig genoeg niet te krijgen, er is vandaag geen elektriciteit tot 16.00 H; we leggen het lieve kind uit dat onze grootmoeder ook zonder elektriciteit koffie kon malen en zetten, maar het brengt geen zoden aan de dijk. Dan maar chrysantenthee gekozen uit een al even indrukwekkende menu. Die is inderdaad heel lekker en we krijgen er ‘gratis’ een hele schotel mooncakes bij. Voor het middageten is ook weer een en ander niet beschikbaar wegens geen stroom, we kiezen dan maar allebei spaghetti met sla. Na een tijdje komt er een schotel spaghetti, spijtig genoeg is dat al wat ze hebben, maar er zijn nog penne te krijgen; OK dan maar. Knotsgek, spaghetti en penne in het land van de noedels! Maar goed, het eten is lekker, ook al is er geen parmesaan bij, die is hier echt zeldzaam en peperduur. We onderdrukken nog net de neiging om na het eten een koffietje met likeur te vragen.
Michael is een Canadees met Libanese wortels; hij is in de veertig, getrouwd met een Chinese van 31 en heeft een zoontje van twee jaar, Salim Yi Jia, ‘Salim de rijke Canadees’; nog maar eens een speciaal levensverhaal; hij gaf les aan een universiteit in Canada, maar hield na de afbetaling voor zijn huis in Quebec niets meer over; hier in China kan hij zich een huishoudster of aiyi (tante) veroorloven en nog sparen; zijn vrouw gaf tien jaar geleden haar universitaire studies op maar is nu herbegonnen. Hij is het lesgeven stilaan beu en kijkt uit of hij geen business kan starten ( voor een Libanees moet dat kunnen zou ik denken); hij zou ook zijn huis in Canada willen verkopen en een huisje in een hutong in Beijing kopen; ik wist niet dat het kon maar de stormloop is al begonnen, zo’n typisch Pekinese huisjes die goed gelegen zijn kunnen tot vijfhonderdduizend euros gaan; je krijgt dan wel iets heel exclusiefs voor je geld: een ruime bungalow van meer dan 100 jaar oud gebouwd rond een binnentuin met als enige toegang tot de wereld een smal gangetje uitgevend op een verkeersvrije steeg; absolute rust en privacy midden in een wereldstad!
In mijn loGement een briefje van Sun, die me niet vergeten is: om twee uur try-out voorstelling van onze beroemde toneelschool; het blijkt geen opera, maar een reeks eenakters. De jonge acteurs articuleren met veel nadruk, ik kan me eigenlijk geen betere luisterles voorstellen en slaag erin de plot te begrijpen. Nu ja, ‘wo ai ni’ betekent ‘ik hou van jou’ en en met enige varianten daarvan kwam ik in dit geval al heel ver.
Vanmorgen lagen alle plassen bevroren..
Het is zover: vanmorgen lagen alle plassen bevroren. De blaren vallen met trossen gelijk . We moeten het nog een week uithouden voor de centrale verwarming aangaat. Iedereen zit in de klas met een mantel aan. De airconditioning hangt in mijn slaapkamer, daar heb ik in de living niet veel aan.
Vandaag contact met Stijn van Bekaert Shenyang; veel zit er zo te zien niet in, zijn familie woont in Shanghai, dus hij is alleen beschikbaar op een avond in de week wat voor mij niet zo practisch is; en hij woont inderdaad in het Sheraton hotel, 18 kilometer hiervandaan; even samen een pint gaan drinken is niet evident.
Vandaag verrassen de Chinezen me: ze zijn al volop bezig met de kalender voor het tweede trimester! Mijn kursus Europa valt in de smaak, en wordt uitgebreid; marketing blijft –tant pis, ik ben het nu toch gewoon- maar international business valt weg in het tweede semester: alle studenten die ervoor in aanmerking komen heb ik al gehad; jammer. Het grote nieuws: in het tweede semester wordt ik leraar Franse conversatie voor de eerstejaars; Veronica verzekert me dat er geen grote pedagogische bekwaamheden vereist zijn; ik ben de enige buitenlander die Frans geeft en al wat ik doe is automatisch goed; ze suggereert om er zoveel mogelijk de Franse cultuur bij te sleuren, daar hebben de Chinese leraars Frans toch minder voeling mee. Dat wordt nog plezant. Dat betekent twee uur meer per week, maar hopelijk minder voorbereiding. Veronica put zich uit in loftuigingen op hun o zo waardevolle medewerker die ze ten volle willen gebruiken. In ruil suggereer ik dat ze zorgt voor een atelier voor Lieve vanaf januari; dat ziet ze wel zitten, zeker indien ze Lieve voor een uur of twee per week officieel tot lerares kunnen bombarderen; benieuwd wat Lieve er zelf zal van vinden.
Vanmiddag tijdens de lunch in de kantine nog maar eens blijven plakken met twee Chinese leraressen; hier zijn oneindig veel leraars Engels; naast de faculteit vreemde talen is er namelijk ook nog een afdeling voor vreemde talen, die taalopleiding verzorgt voor alle andere faculteiten. De twee dames, Xiao Dan en Ren Jing, hebben een bureel op nog geen tien meter van het mijne; ik ben altijd welkom op de teeklets.
In het contact met leraren en studenten worden me stilaan twee dingen duidelijk: Voor iedereen die een beetje Engels spreekt of wil spreken is contact met buitenlanders goud waard; zogauw ze een ‘grote neus’ zien vliegen ze er zonder aarzelen op af, je kan wel denken dat mijn succes hier verzekerd is. Het tweede is de nieuwsgierigheid van de Chinezen voor hoe de wereld er buiten China uitziet; veel gesprekken draaien rond het uitbenen van culturele verschillen; vanmiddag ging het over het verschillende tafelgedrag; gisteren over relaties en families.
’s Avonds niet veel zin om alleen te eten, ik voel me miezerig koud en de airconditioner wil alleen frisse lucht blazen. Mijn Japanse buurvrouw geeft niet thuis, dan maar eens proberen met de Indische onderbuur; hij blijkt volop aan het pintelieren met de Amerikaanse Eddie (die twee zijn de drinkers van het gebouw). Eddie biedt zich aan om mee te gaan, maar ‘eerst nog mijn pint uitdrinken’; dat duurt wat langer dan verwacht, ze slaan nog enkele flessen achterover. Die Indier, Mukundan, is de zoveelste rare vogel hier: afkomstig van een familie uit de hogere kaste en grootgrondbezitters in Kerala (een boerderij van 100 hectare); het grootste deel is door de linkse regering van Kerala (communisten?) onteigend zodat ze het nu met 30 hectare moeten stellen; maar zijn hele familie heeft universitaire diploma’s en een groot deel heeft nu een goedbetaalde job in het buitenland; hijzelf gaf les aan een Indische Universiteit, ging in Hongkong doctoreren en kreeg daar een Chinese titel van professor aangeboden (wij zijn hier maar ‘leraars’, een soort docenten); hij woont hier nu al drie jaar, blijft vier maanden en gaat dan telkens twee maanden naar huis, bij vrouw en kinderen; zijn zoon doet binnenkort ingangsexamen voor de meest prestigieuze universiteit in India; bescheiden is de man niet, in de kortste keren krijgen we een opsomming van de boeken die hij geschreven heeft en de wetenschappelijke artikels die hij publiceert en de internationale congressen die hij hier organiseert; zijn specialiteit is ‘economie van het onderwijs’; hij spreekt geen woord Chinees maar behelpt zich voor zijn research ;met internetopzoekingen en bibliotheekwerk in India; als we hem mogen geloven is hij een wereldautoriteit. Zoals elke avond loopt hij ook nu in pyjama rond; koken doet hij nooit en heeft hij ook nog nooit gedaan, want in Indië is koken het ‘privilege’ van de vrouw; hier in China gaat hij op restaurant of krijgt hij Indisch eten van de twee Indische studenten in mijn klas; die laatste zijn blijkbaar ‘nieuwe mannen’, zij koken wel hun eigen potje.
Het is al laat wanneer ik eindelijk Ed meekrijg naar het restaurant; hij is al twee jaar getrouwd met een Chinese, kan geen woord Chinees lezen en nauwelijks iets spreken; hij is 53, heeft een pensioen van het Amerikaanse leger, maar daarmee is hij Amerika een armoezaaier; zijn vrouw woont in een kleinere stad in de buurt, hij verblijft in de week op de campus. Om hun financiën aan te vullen geeft hij les en runt zijn vrouw een privé talenschool in har stad. Shenyang is al de vierde Chinese school waar hij les geeft en volgens hem de beste.Zijn Chinese vrouw zou naar Amerika willen uitwijken en daar werk zoeken, maar hijzelf verkiest China! Rare wereld. Ed kent België; in het leger stond hij in voor de beveiliging van de gebouwen , hij kent de Natogebouwen in Evere en was ook in de Antwerpse haven voor de beveiliging van Amerikaanse wapentransporten; tot politieke uitspraken laat hij zich niet verleiden.
Peking opera
Op gestaan met een houten kop voor de ochtendgymnastiek Xin Yi Liu He Quan met Chang en met de grootste moeite mijn ogen kunnen openhouden in de Chinese les. Volgende week is er partieel examen…
Er zit een snijdende noordenwind vandaag, de verwarming werkt nog niet en ik kruip de rest van de morgen terug in bed. De les Europa is toch maar deze namiddag.
Vanmiddag nog iets interessants vernomen van mijn Chinese collega Sun: de theater en operaschool van deze universiteit is de absolute TOP in China op het gebied van Peking opera.; en vermits die gasten veel moeten oefenen, valt daar af en toe wel een gratis voorstelling mee te pikken! Sun belooft me iets te laten weten! Mooi perspectief.
Vanavond willen gebruiken om wat achterstand in te halen, maar buiten de waard gerekend: in het restaurant zit ik moederziel alleen voor het avondeten, maar collega Eddie, een Amerikaan, getrouwd met een Chinese die in een stad vijftig kilometer verder woont, komt eraan gewaaid met vier van zijn studenten, allemaal meisjes. Ik wist niet dat leraars soms met hun eigen studenten gingen eten, maat stel geen verdere vragen wanneer hij mij uitnodigt om mee aan tafel te schuiven. Het zijn derdejaarsstudenten en er wordt uitvoerig gepraat over de verschillen tussen Amerika, Europa en China op het gebied van families, lieven en huwelijken. Drie van de vier hebben in een andere stad een lief zitten die ze een keer of twee in de maand ontmoeten; Chinezen trouwen nog bijna allemaal met hun eerste lief; de vierde is 22 jaar en haar moeder maakt zich al zorgen of ze nog wel aan iemand zal geraken; zijzelf vind dat de studies voorrang moeten krijgen. Meisjes worden hier nog altijd verondersteld te wachten tot een jongen het initiatief neemt. Ik weet nu ook waarom de bibliotheken hier zo populair zijn; dat is de uitgelezen plaats om personen van het andere geslacht te ontmoeten! Drie van de vier denken eraan een dieet te volgen, ongelofelijk wanneer je ze ziet! Ik probeer ook deze keer een mondje Chinees te plaatsen, stel in het Chinees vast dat er vandaag een sterke wind zit waarop ze het allemaal uitproesten; tja, klein verschilletje in uitspraak, ze maken me discreet duidelijk dat ik over een grote drol in plaats van een straffe wind aan het praten was. De avond eindigt met het bijna traditionele uitwisselen van telefoonnummers, de meisjes noemen zichzelf Livia, Tatiana, en Jackie, de vierde, zonder lief, is al sneller opgestapt want moest nog naar de … bibliotheek.
