Staren naar de maan

26 september, 2007, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Lieve is er en dat verandert uiteraard mijn leven. Meer tijd om te ‘leven’, minder om te bloggen!

 Vandaag de laatste les gehad vóór het verlof van de nationale feestdag. Morgen en overmorgen is er de grote sportcompetitie van de universiteit. We kijken bezorgd naar de hemel die vanmiddag met het uur grijzer wordt: bij regen is het hele geval morgen afgelast en kunnen we les geven.  Wat is er zoal gebeurd de laatste tien dagen?   

Twee zondagen, twee maal een lange tocht gemaakt op het platteland.  De maïs wordt hier al volop geoogst, alles met de hand, eerst de kolven, dan de planten. Twintig kilometer van hier is een grote rijstzone; de velden liggen er goudgeel bij; zo te zien is de oogst nog niet begonnen. Maar langs de baan liggen kilometers ver hopen rijstpellen te smeulen, een hoofdbrekertje voor mij (eentje dat trouwens niet lekker ruikt!).

 De hoofdwegen op het platteland zijn omzoomd met bomen, lekker schaduwrijk.  Veel verkeer is er niet, maar alles ligt er heel stofferig bij; één lege vrachtwagen die aan 80 per uur voorbijdendert en je bent klaar voor de douche. De eerste zondag stopte ik in een baandorp dat zelfs niet op de kaart stond; het noemt ‘de stal van de oude koe’ of zoiets. Aan een stalletje enkele gevulde pannekoeken gekocht, en me door de eigenaar laten begeleiden naar een goor winkeltje waar ze bier verkopen. Terwijl ik zit de eten komen de vrouwen van het dorp polshoogte nemen. Ik vraag met hoeveel ze in dit dorp wonen; 1000? 2000?. Twintigduizend! De uitbater van het stalletje stelt trots zijn ‘Belgische vriend’ voor.Mijn naam en nationaliteit worden keurig op papier geschreven. Eén van de vrouwen spreekt zelf wat Engels. Van hun Chinees dialect is niet veel te maken. Op de terugweg neem ik de hoofdbaan; toen ik vorig jaar één van mijn eerste tochtjes maakte, veranderde die hoofdweg twee kilometer voorbij de universiteit in een small weggetje. Nu nog, maar…dertig kilometer verderop! In een overmoedige bui kookte ik een volle pot rijstpap, en verdeelde die aan onze buren: de Russin, de Japanner, het Amerikaanse en het Japanse gezin. Toeval of niet, de dag dat Lieve aankwam stonden ze daar allemaal bijna tegelijk met een wedergift! Japanse tee, Russisch gebak, Amerikaanse koekjes, Japans bier, Lieve kon haar slaperige ogen nauwelijks geloven. Wat een welkomstcomité! Vandaag stond onze Japanse buurvrouw hier terug met een schotel  gefrituurd eten; ze heeft een druk lesrooster maar naar het schijnt is haar man, die niet werkt maar gewoon Chinees studeert, de echte kok. 

Gisteren was het half-herfst feest, eigenlijk de 15de augustus van de Chinese maankalender, beter bekend als het Maanfeest. Je moet ’s avonds laat naar de volle maan gaan staren en maankoekjes eten. Die zijn gevuld met zware pasta van bonen en noten en alle winkels liggen er dezer dagen vol van. Ze zijn erg lekker. Ik kreeg vier dozen cadeau, van de school en van studenten: we gaan nog niet vermageren!

Op die dag komen de families traditioneel bij mekaar. Wij hadden een diner alleen voor de buitenlandse leraars van de diverse faculteiten en voorgezeten door de rector himself.Vergeleken met vorig jaar viel de maaltijd wat tegen. Het werd een simpel buffet, het gaf wel de kans om te praten. De Chinese rode wijn van een bekend merk was niet lekker, (een positieve Amerikaan vergeleek hem met Sherry?!) maar we apprecieerden wel de met ijskreem gevulde deegbollen; die stonden individueel in plastiek verpakt gewoon op tafel. Gelukkig hadden we nét op tijd door dat het ijskreem was: ik gaf ze niet veel kans meer om te smelten.

De rector toonde veel belangstelling voor het werk van Lieve; hij drong aan dat ze gaat kijken naar de tentoonstelling van Chinese en Russische schilders, nu in de universiteit, en nodigde haar meteen uit voor een seminarie morgen en overmorgen, met kunstautoriteiten uit het hele land ( nog geen uur later stond er al een lerares die opgetrommeld was als tolk, aan de deur van haar atelier!). 

Van de maan hebben we die avond niet veel meer gezien, om tien uur vielen we allebei om van de vaak.

 Wang Fan, het vriendinnetje dat ons vorig jaar zoveel hulp gaf – herinner u de episode ‘plankjes zagen’- , is terug opgedoken. Ze studeert in 2009 af als kandidaat in de sociale wetenschappen; ze is dan van plan om in Japan een licentie te halen aan de universiteit waar een familielid van haar Chinese les geeft. Daarom is ze deze zomer begonnen  Japans te studeren; bedoeling is dat ze het in twee jaar voldoende beheerst om ginder toegelaten te worden. Succes! Gemakkelijk wordt het niet.

Ook zij brengt ons een doos maankoekjes mee. We nodigen haar uit voor het avondeten. Ter gelegenheid van het feest is er op de campus een openlucht muziekoptreden en kan je buiten barbecuen. Er is zo goed als geen kat; onbegrijpelijk wanneer je weet dat hier anders nooit iets te beleven valt. Wanneer we willen betalen blijkt dat zij ons allang voor geweest is. Als toemaat geeft ze ons een zakje gepofte kastanjes!  Het werk is deze keer echt zwaarder dan verwacht. Iedereen zegt me wel ‘Je moet maar één op tien van die opstellen verbeteren’, maar toch. Het peil van de werken is zo laag dat het moeilijk is er af te blijven. Bovendien volgde ik blindweg het boekje: ‘vraag aan de leerlingen je een brief te schrijven met hun verwachtingen en voorstellen’. Nadien kon ik toch moeilijk anders dan ze alle honderd en tien lezen? Veel van die gasten van 21 jaar schrijven nog naief als kinderen. Maar de alomtegenwoordige hoop dat dank zij die speciale buitenlandse leraar hun schrijftalenten een ‘grote sprong voorwaarts’ zullen maken geeft toch veel extra druk; en er zaten ook bruikbare tips tussen; die natuurlijk weer extra werk meebrengen!

Maar goed, veel studenten ‘vinden het een grote eer’ of zijn ‘extreem blij’ in mijn klas te mogen zitten, dat motiveert toch ook. Soms klaag en zaag ik wel, maar eigenlijk ‘vind ik het ook een grote eer’ en ben ‘extreem blij’ hier te kunnen les geven!

 Er komen nu wel elf dagen verlof die ik kan gebruiken om me wat beter voor te bereiden of uit te rusten, want toerisme zit er deze keer niet in. Maar dat legt Lieve jullie wel uit, denk ik.

Het leven zit vol verrassingen

26 september, 2007, een bijdrage van Lieve | Commentaar (0)

 

Vandaag ben ik net een week in China; het lijkt alweer een maand! Hier in dat grote land, met zoveel mensen gebeurt constant wat; zoveel beelden passeren mijn netvlies, zoveel klanken mijn trommelvlies. Het lijkt alsof ik nog niet over mijn jetlag heen ben, zo moe voel ik me! Al zijn daar nog andere redenen voor … daar gaan we.  Mijn timing was perfect! Op woensdag aankomen, enkele dagen bekomen,op het eind van de week in mijn atelier wat panelen voorbereiden zodat ik terug kon wennen en er dan maandag helemaal tegenaan gaan.  Ik hoefde zelfs niet te wennen: bij het openen van mijn atelierdeur was het weer liefde als op het eerste zicht. Ik heb er veel zin in! Maar eerst hadden we nog een weekend om zachtjes af te kicken van België: zowel vrijdagavond als zondagmorgen brachten we door met Stijn en Liesbeth, en hun drie kinderen; we konden zelfs lekker West-Vlaams tateren! Op vrijdagavond aten we samen in de Sheraton; daar logeerden ze. Toen we de taxichauffeur vroegen ons naar de ‘Sheraton’ te brengen begreep hij het niet; gelukkig kon een collega hem helpen. Hoofdschuddend voor de rare uitspraak van de westerlingen reed hij naar de ‘Xilaitun”. Daar zijn we … ik word al weer bang! Soms heb ik echt wel een selectief geheugen. Zo was ik het luide onophoudelijke getoeter van de Chinezen vergeten. Hopelijk verbieden ze dit hier zoals in Peking en Sjanghai! We horen het zelfs ‘s nachts tot in ons appartement, en tenslotte wonen we ver van de baan. Op een jaar tijd is het verkeer hier enorm toegenomen, we beginnen te begrijpen dat we écht midden in één van grootste stadsuitbreidingprojecten van heel China zitten.  Ik was ook vergeten was is hoe jong die meisjes van 20 jaar op de universiteit zich gedragen: echt kinderen. En hoe lief ze zijn, dat wist ik nog wel, maar zo lief?! Aandoenlijk als je uit het Westen komt. Mensen bij ons, gewoon in de straat of in de winkel zijn vriendelijker in omgang dan de Chinezen. Hier is men niet ‘vriendelijk’, men is of bruut of erg lief. Vreemd om uit te leggen.   Op zondagmorgen kwam Stijn en zijn familie. Toen we door de universiteit liepen droeg ik hun baby. Daar ik alleen maar pubers gebaard heb, geniet ik nu wel erg van babybilletjes op de arm. En de reacties van de jongeren op dat witte baby’tje! Er kwam een lange jongeman naar me toe gerend: ‘Oh, a baby boy! Hallo baby! Oh, thank you so much to let me see the baby!’  Als tegenpool voor ons Sheraton-etentje gingen we nu buiten eten, achter onze universiteit, BBQ natuurlijk. De vijf euro voor zeven personen illustreert het contrast met vrijdag. En allen vonden we het lekker en leuk…Prettig dat onze bezoekers voor dit alles ook open staan… Zaterdag kochten we een nieuwe fiets voor Frank: ook eentje met dikke banden en versnellingen. Die konden we na het bezoek uittesten. Tot mijn grote verbazing ontdekte Frank hier toch nog dorpen in de buurt. Dat is pas goed nieuws! En wat genoot ik ervan: niets gaat boven persoonlijk ingerichte erfjes, straten vol bomen en bloemperken, een lotusvijver in het dorp, loslopende kippen…  met alle begrip en respect voor het aanpakken van het woonprobleem: ik hoop toch dat er ‘ziel’ komt in al die nieuwe woonblokken. Maar ja, kun je bij ons een stad met een dorp vergelijken? Alleen: het is hier allemaal zo grootschalig, er komt nu gewoon geen einde meer aan de stad. Ik zei lachend aan Frank:”Ik heb alleen nog mijn Durme tekort”. En hij: “wil je je Durme, die komt eraan!” En jawel, even verderop reden we even langs en over een mooi kronkelend riviertje. Langs de kant waren ze afval aan het verbranden, het stonk er en het water was inktzwart; maar dat zal niet lang meer duren: ook hier staan al informatieborden langs de weg om uit te leggen dat de rivier zal gesaneerd worden in het kader van de stadsuitbreiding en opgenomen in een groene zone: een goede zaak die mijn bezorgdheid tegemoetkomt. Deze fietstocht duurt 45 minuten, perfect dus voor ’s morgens maar niet als het regent: sommige stukken weg zijn onverhard. Jammer ook dat het eindigt in mineur: terugrijden langs de heel erg drukke baan naar de unief. Maar goed, ik ben al erg blij dat Frank dit ontdekte.  Maandagmorgen: hup naar de eerste echt werkdag. Owen, de secretaris van de faculteit die altijd rood wordt en hakkelt als hij met me praat, sprong bijna in mijn armen toen hij me zag! En van Xiao Dan kreeg ik twee peren en verse dadels, meegebracht voor me van bij een boer. Lief. Verder niet veel veranderd: wel veel meer nieuwe gezichten  en die staren me weer aan als destijds… ik moet er weer aan wennen.  Ik vergeet, wil dat ook wel vergeten, dat ik in een school ben en kleed me niet schools.  Terwijl studentjes en vooral leerkrachten er heel netjes schooljuffrouwerig bij lopen, trouwens al in herfstsfeer, het was nochtans nog +30 graden, loop ik erbij als een toerist: blote rug, bloempjesrok, sandalen…en met mijn knalroze lippenstift: dan verwonderd zijn dat ze kijken. Aan tafel zei een onbekende man: ‘I like your lipstick’ en een ander ‘you wear so many rings’ … De volgende dag beperk ik de ringen tot de helft, laat de blote rug achterwege maar de lippenstift? Nooit!  En dat van die blote rug was een geluk: de temperatuur daalde op één dag tien graden! Je ziet dat we het ‘moonfestival’ achter de rug hebben. Ik had er nog nooit van gehoord: maar het is hier een heel erg belangrijk familiefeest. We kregen van alle kanten lekkere mooncakes. Alleen al de verpakking is zo mooi! Prachtige knalrode dozen met glitterdruk: daar zijn ze echt goed in. ’s Avonds sta ik weer paf: er werd een barbecue georganiseerd, op het plein voor ons gebouw staan kleurrijke tafeltjes en stoeltjes. En er is live optreden. Alleen: geen student te zien, of kom: een handvol. Voor een keertje dat hier wat gebeurt? Wat doen die jonge mensen dan toch liever dat hen hier weghoudt? Ik begrijp er niets van! Ook wij worden verwend: de buitenlandse leerkrachten kregen een diner aangeboden. Het was prettig de oude bekenden terug te zien en ‘nieuwkomertjes’ te ontmoeten. Ik ontmoet er de rector; hij is erg geïnteresseerd in mijn werk en vraagt of ik de academie wil bezoeken. Uiteraard zeg ik ja. Ik verschiet als er zich een uur later een tolk aanbiedt,  ter mijner beschikking gesteld door de rector; vanaf morgen komen directeuren van academies uit heel China drie dagen op bezoek en ik mag eregast zijn; en zij is mijn persoonlijke tolk. Ik keek er erg naar uit om eens een officiële ceremonie mee te maken, hier is mijn kans! Maar… Alsof China  op een boogscheut van België ligt, kreeg ik net een telefoontje van het thuisfront: of ik een belangrijke opdracht kon aanvaarden? Ongeveer een maand werk, maar er is een probleempje: het moet af zijn over twee weken!  Wat een uitdaging! Nog nabibberend van die opdracht vraag ik de tolk morgen verder te praten. Wat moet ik hier mee aanvangen? Weigeren is beledigen en een unieke kans missen. Ik beslis een tussenoplossing te zoeken en schrijf me in voor enkele van de activiteiten. Hopelijk voel ik me daar goed bij en ontmoet ik toch interessante mensen.  Zo komt het dat we vandaag om 6u30 opstonden om vlug aan het werk te gaan en vanaf morgen wordt het 6uur: het wordt ’s avonds al donker om 17uur. En ik wil de volgende veertien dagen minstens tien uur per dag schilderen, zaterdag en zondag inbegrepen. Dus morgenochtend om 6u45 wil ik al achter dat ezeltje zitten en om 9 uur ga ik luisteren naar enkele speeches, dan weer schilderen en om 17u30 naar het diner om daarna mee te gaan naar de ‘show’ wat dat ook moge zijn… het wordt spannend! Ik hou u op de hoogte! 

BELGIE LAAT DEZE ONDERDAAN TE GEMAKKELIJK GAAN…

20 september, 2007, een bijdrage van Lieve | Commentaar (1)

Anderhalve maand Belgie, het lijkt lang, het was tekort.Ik bleef langer dan Frank om na zijn vertrek o.a. te werken voor mijn galerie, om tijd te hebben om het huis beter georganiseerd in handen van Marina, mijn huisbewaarster en zoveel meer, te kunnen achterlaten, vele mensen terug te zien, en voluit te kunnen genieten van uitrusten in mijn tuin, tussen en met mijn beestjes, onder de stralende zon… Had ik even geluk: laatstgenoemde was niet van de partij, anders had ik nog minder tijd gehad. De nacht voor mijn vertrek was ik tot 3u45 bezig met allerlei te organiseren voor mijn schilderijen. Mijn kat is toen ziek geworden van de stress die in huis hing, hij voelde trouwens al dagenlang het nakend vertrek aan. Zoveel woorden ik nodig heb om mij uit te drukken, zoweinig heeft hij er van doen. Maar goed, ik doe ‘stinkend-het’  dan ook niet op het tapijt om mijn verdriet te uiten. Stress? Alhoewel…ik ben er goed in, hoor! Om 20 uur lasten Marina -die uit solidariteit ook blijft rondhollen tot 02uur- en ik een time-out in: tijd met een fles champagne! Al had ze die me gegeven voor een andere gelegenheid: het smaakte als een godendrankje en had de juist uitwerking: engelen kwamen op me af. Vooral die reddende engel, dat was een ongewone, al komt ie geregeld langs, hij blijft me verrassen! Bedankt reddende engel! Ook dank aan de andere die eens opbelden of waarvan ik voelde dat ze er waren want ik voelde me die dag zo gefrustreerd en ongelukkig: sommige situaties leken me onafgewerkt en ik had niet iedereen gezien die ik wou zien. Zelfs mijn lievelingstante van 86 jaar bezocht ik niet. Kun je dat geloven? Wie me zeker gelooft is mijn IJslandse zus Lut, deze frustratie maakt ze telkens mee als ze Belgie bezoekt! Zij die ik niet zag: wees niet boos op me…Zij die ik wel zag: ik koester onze momenten samen: mailen en bellen is erg leuk maar vervangt het mekaar zien en even kunnen vasthouden niet.En toch… toen mijn mama zondag vroeg hoe het aanvoelde om nu naar China te gaan kon ik oprecht zeggen: als naar huis gaan! Ja, mijn huis is waar mijn ezel(s) staat(n). En ja, ik verlang naar mijn Chineesjes. Dag galerie, dag huis, dag tuin, dag kippen en ganzen en katjes, dag Durme, dag mooie fietstochten, dag terrasjes overal, dag ma en pa, dag maatjes die me begeleiden tot aan de douane: daar gaan we weer… Belgie verlaten blijkt een makkie, zeker wanneer blijkt dat ze nog minder van visas afweten als ik. Onwetend van wat er me te wachten stond, kon ik op het vliegtuig bijna tien uur verder tateren met een gezellige Hollander, Kees natuurlijk! Mijn slaappilletje heeft ons beiden gered, nietwaar Kees? De tijd was voorbij gevlogen, vonden we allebei: leuk je ontmoet te hebben. Het was vijf uur in de morgen, Chinese tijd, toen de tijd zes uren stil begon te staan: mijn visa was niet in orde! Zal ik  dan nu eindelijk mijn belofte kunnen houden: vanaf nu vertrouw ik mijn man nooit meer blindelings? Ik was al zo onzeker omdat ik een one-way ticket had, en eigenlijk niet echt een reden heb om in China te zijn: geen enkel land ziet deze combinatie graag aankomen, zei mijn intuïtie. En als je dan aankomt met een visa waarop een rode stempel cancelled staat, dan speelt dat niet eens een rol meer.Wat is er gebeurd? Ik had vorig jaar een multiple visa. Daar kan ik zoveel mee binnen en buiten als ik wil maar dat moet na dertig dagen telkens weer verlengd worden. De eerste maal hebben ze dat gewoon voor een maand verlengd, de tweede maal hebben ze dat voor vier maanden verlengd, makkelijk dachten we, maar er niet op gelet dat ze gelijk het andere cancelden…Ik belde Frank uit bed, hij haalde het meisje dat de buitenlandse dossiers behandelt uit haar bed, arme Frank, arme Lake: zij moesten een uitnodiging doorfaxen naar de grenspolitie en dan zou ik een nieuw visum krijgen. En ik die me er wat zorgen om gemaakt had dat ik in Peking zelfs mijn ticket naar Shenyang moest kopen: gelukkig had ik geen ticket of daar had ik nu ook nog problemen om. Ik kon alleen maar wachten. Een heel erg lieve jonge man van de politie begeleidde me constant. Ik vermoed dat hij  niet dezelfde opvang zou krijgen indien dit hem in mijn land overkomt. Hij hielp me zelfs na uren wachten, een ticket te kopen naar Shenyang EN zijn vriendenrelaties aan te spreken om toch op het volgeboekte vliegtuig van elf uur te kunnen. Ik ben hem dankbaar en Frank evenzo: om 12u30 kunnen we mekaar omhelzen! Oef en eindelijk! Daar ik eigenlijk bijna twee nachten overbrugd heb, klinkt toch netjes als reden nietwaar, beland ik snel in bed en kom er erg duizelig weer uit om 16 uur. Ik droomde dat ons appartementje vol mensen zat en ging voor de zekerheid dat het maar een droom was zwalpend kijken. Het was geen droom: allerlei nieuwe collegas op onthaalbezoek met fruit, gebak, koekjes, thee… Amerikanen, Japanners, een Russin, de lage bloeddruk waar ik zoveel last van had de laatste weken schoot helemaal omlaag, ik was erg stuntelig en vond nog moeilijker mijn engelse woorden. Maar lief was dit zeker!Om 22uur vond ik opnieuw het bed en kwam er nu voor niets en niemand nog uit tot 15 uur, vandaag.Verder uitpakken, aquarellen aan muur hangen, nietwaar Marc?, en uit eten gaan. Bij onze dame die ons gisteren al herkende en trakteerde op een cola. We aten dimsums natuurlijk, en heerlijke tofu met spinaziesoep: jawel,  het zal me weer bevallen! En genieten van lachende en zwaaiende Chinese jongeren, er zei er zelfs eentje: smakelijk! Waar haalde die dat vandaan? Vlug terug naar bed: ik hoop dat ons bloggen u opnieuw bevalt!

De wereld wordt klein

15 september, 2007, een bijdrage van Frank | Commentaar (1)

Zaterdag 17/9 De week is voorbijgevlogen. Het gebrek aan voorbereiding voor de marketing kursus laat zich voelen (ik ben de kursus van vorig jaar hoofdstuk per hoofdstuk  aan het herwerken volgens de voorstellen van de vorige klas).  Maar natuurlijk zijn er die rotte lessen Engels opstel. Wie dacht dat ik Engels kon mag zijn mening herzien; komen bij zo een opstel nogal wat taalkundige regels kijken zeg! Deze week heb ik in de klas een  fameuze flater begaan bij het gebruik van de hoofdletters: een studente als voorbeeld voor de klas gesteld en haar alle hoofdletters doen veranderen volgens mijn theorie; ’s avonds viel ik wat moeilijk in slaap en besefte plots dat haar tekst misschien wel juist was! Bed uit en gaan opzoeken, en wat dacht je!  Dat rechtzetten zonder te veel pluimen te verliezen, zal nog wel wat creatief denkwerk vragen. Door wat in die boeken te snuisteren heb ik ontdekt hoeveel andere fouten ik maak. Paniek! Mijn enige troost: de Chinese leraars doen het niet beter. Alhoewel: bij nader toezien past collega Lily  – die aan de VUB afstudeerde in Engelse taal -  in het programa dat ze me stuurde foutloos de regels van de hoofdletters toe! Echt onverantwoord van de school om me dit soort lessen op te solferen. En roekloos van mij om het te aanvaarden. Genoeg gezanikt. Het goede nieuws is dat we dit jaar voor het eerst officiële data hebben voor onze verlofperioden, of toch bijna! Het verlof voor de nationale feestdag loopt van 1-7 oktober, een volle week; maar de slimmeriken hebben de donderdag en vrijdag ervoor een een grote sportmanifestatie voor de hele universiteit gepland; dus geen lessen, en wie niet geïnteresserd is in athletiek kan twee dagen vroeger weg; tenzij… bij slecht weer gaat de happening niet door en moet er toch les gegeven worden! De laatste les van het semester valt op 28 december, maar… ik heb deze keer drie klassen die in januari examen moeten afleggen; moet ik daar bij zijn? wie gaat die verbeteren en wanneer? Mijn coordinatrice ‘denkt’ dat ze het wel zonder mij kunnen rooien, overtuigend klinkt het niet. Werk of geen werk, de zondag moet er wat ontspanning zijn. Dus vorige zondag de fiets op en naar de andere kant –de zuidkant – van de stad. Eerst langs het stedelijk theater op de markt gereden; ze hebben wel een gevarieerd programma, met gemiddeld twee optredens per week; prijzen varieren van 2 euro (voor een Chinees toneel) tot 25-50 voor muziekgroepen of orkesten met internationale faam. We gaan er dit seizoen zeker eens naartoe; jammer dat ze altijd al om 19.00H beginnen. In het provinciaal museum zijn er vijf tijdelijke tentoonstellingen, allemaal over een verschillend aspect van het oude China; de affiches ogen aantrekkelijk. Ook dat staat op het programma samen met Lieve. Daarna doorgereden naar Wu Ai , een bekende koopbuurt voor goedkope goederen; je kan er bovendien overal afbieden; ik had er al veel over gehoord; mits wat vragen kom ik inderdaad aan een groot koopcentru; de formule is zoals verwacht: op elke verdieping 10.000 winkeltjes die allemaal hetzelfde verkopen; twee verdiepingen kledij, een verdieping beddegoed, gordijen en meubelstoffen, en bovenaan de meest onmogelijke gadgets voor dekoratie- dat is de enige verdieping waar wat variatie inzit. Bonestaak weet me achteraf te vertellen dat daar nog zo een reeks koopcentra moet zijn; ik heb nochtans niets gezien; en helemaal betrouwbaar is ze niet, zijzelf gaat alllen naar de winkels waar goede kwaliteit verkocht wordt! Over slecht mateiraal gesproken, op de Engelstalige televisie gaat het hier nu elke dag over de kwalitietscontroles in de Chinese fabrieken; ze weten ook te melden dat de meeste in Amerika afgekeurde producten misschien wel onveilig zijn, maar wel geproduceerd werden volgens de normen die de klant opgaf; en bijna dagelijks wordt er een lading ingevoerde producten teruggestuurd naar afzender, wegens onveilig; vandaag bvb Amerikaans vlees met hormonen.Het hoofddoel van mijn fietstocht is het Wetenschapspark. Indrukwekkend. ‘Technopolis’ met ‘Imax’ film, daarnaast een tentoonstellingszaal, dan een bibliotheek van vijf verdiepingen, verder een Kinderpaleis , een tropisch zwemparadijs, alles in  een modern aangelegd park. Ik profiteer van mijn Chinese leraarskaart om korting te vragen op de normale entreeprijs van twee euro voor ‘Technopolis’. Het moet zeker al een jaar of vijf oud zijn, er zijn nog geen flatscreen schermen te zien; abnormaal veel van de attracties werken niet meer of liggen stil omdat er vandaag geen groepen schoolkinderen zijn; gebrek aan onderhoud of destructieve kids? Hoorde ik niet dat er in Mechelen in het echte Technoplis gelijkaardige  problemen waren? Laatste punt op het toeristische programma voor vandaag: de Nan Ta of zuidelijke pagode – Shenyang heeft er één voor elke windstreek en alleen deze bezocht ik nog niet. Bij de pagode hoort een Taoistische tempel. Het complex wordt opgekalefaterd en is dicht, maar het achterpoortje staat open, dus waarom niet binnen gaan. De paar nonnen die ik tegenkom maken er geen punt van, de bouwvakkers- die werken hier ’s zondags ook- al evenmin. Maar veel is er niet te beleven. Op dat moment belt mijn vriend Yang op om samen te gaan eten. In zijn simpel en direkt Engels klinkt het: ik ben hongerig, haast je! Geen probleem, nu ik de superbike van Lieve met 12 versnellingen aangeslagen heb. Uit de weg voetgangers op het fietspad, uit  de weg autos die komen parkeren, uit de weg fieters die in de verkeerde richting rijden of zigzaggen, hier komt een kampioen af. In een goed uur sta ik ter plaatse, alle rekords zijn verpulverd. Maar wie is er nog niet? Yang natuurlijk. Deze week onze Indische professor Mukundam uitgenodigd voor het avondeten. We gaan naar ‘zijn’ restaurant, die Indiërs zijn erg kieskeurig op hun eten. Hij brengt onverwachts ook zijn ‘assistent’ mee, een pas afgestudeerde leraar die inderdaad hoopt met hem wetenschappelijk onderzoek te kunnen doen. Wanner ik wil betalen stormt hij me voorbij. Hij moet en zal betalen. Er is nog respect voor de professoren in China.Omgekeerd verhaal met Jim; om vier uur in de namiddag belt ze me op; we gaan in de stad in een goed restaurant eten samen met haar Chinese vriendin, die ze me wil voorstellen; en ze neemt er nog een Chinese student bij die ze ook van ergens kent maar waar ze niet kan mee praten want hij verstaat bijna geen Engels; we moeten om vier uur vertrekken want haar vriendin heeft de gewoonte ’s namiddags vroeg te eten. Tegen halfzes is het hele diner achter de rug. De vriendin betaalt vlot voor ons alle vier, ze had nochtans alleen Jim uitgenodigd. Ze heeft juist haar doctoraat gehaald en hoopt op een benoeming tot professor. Buiten haar job als hulp-professor in Shenyang verzorgt ze ook nog de buitenlandse relaties van haar vroegere universiteit in Fuxin; dat brengt haar binnenkort nog maar eens naar Amerika.; ik hoorde vroeger al dat de meeste professoren cumuleren. Ze verdienen als professor nochtans 500 euro per maand, een rijkelijk salaris.Dze week ook eindelijk een dieper gesprek met mijn Japanse buurman Shuchiya (of zoiets) gevoerd, natuurlijk ter gelegenheid van een gezamenlijke maaltijd. Hij is 63, gepensioneerd leraar en lid van een communistische lerarenvakbond; onze vroegere vriendin Sato is daar ook bij; het gaat niet goed met die vakbond, de meeste leden zijn al gepensioneerd, er blijven maar 1000 actieve van de vroeger 3000 over. Hij is niet te spreken over de Japanse regering – eerste minister Abe is juist afgetreden wegens corruptieschandalen en omdat hij voor Japanse troepen in Afghanistan is en de meerderheid tegen. Het ergste zou zijn indien de vorige premier, Koizumi, zou terugkeren; die pleitte ervoor om de inkomensverschillen in Japan te verbreden.Vermits ik langs officiële kanalen nog altijd niet aan een interview geraakt ben, zal mijn vriend Wilson, een jonge leaars Engels,  me helpen. Ik heb een blad vol vragen over de situatie in Shenyang opgesteld – de werklozen, de ouderen, de zieken, de privatiseringen, de onteigeningen, het woningvraagstuk, de sociale spanningen,  en inderdaad, hij weet over de meeste wel iets zinnigs te vertellen. Hij herinnert zich nog de rellen in Shenyang in 2000-2001, hij zat toen nog op de middelbare schoool. In sommige verouderde staatsfabrieken was 90% van het personeel afgedankt; die kregen geen dop, maar een eenmalige premie waar ze tot hun pensioen mee verder moesten. De arbeiders protesteerden massaal aan de fabriek ,maar daar was geen kat; daarom trokken ze naar het stadhuis en bleven wekenlang kamperen op de grote markt. Tenslotte liet de burgemeester, die de modernisering van de stad moest realiseren en dus wel wat anders te doen had dan naar hun klachten te luistern (sic), hen op camions laden en terugvoeren naar de voorsteden, met het verbod nog terug te keren. Die burgemeester werd nadien in de bak gedraaid wegens corruptie, maar volgesn Wilson doet dat er niet toe; een eerlijke burgemeester zou op dezelfde manier gehandeld hebben. Wie boven de veertig was en afgedankt werd, kon alleen op zijn pensioen wachten; privé-bedrijven werven niemand boven de veertig aan. De groep werklozen krimpt nu in, de ouderen gaan één na één op pensioen; maart de beginnende werkloosheid bij juist afgestudeerde jongeren baart hem zorgen. Hijzelf werkt met een contract van drie jaar. In februari wil hij deelnemen aan het ingangsexamen voor de licenties, en van faculteit veranderen; hij is kandidaat Engels en wil nu Chinese cultuur gaan studeren. Dat kan wel ,alleen is die richting fel gewild, vorig jaar waren er 200 kandidaten voor 7 plaatsen; weinig kans dat het lukt. Een van zijn vrouwelijke collegas, die we kennen van vorig jaar, is voor haar licentie op eigen kosten naat Hongkong vertrokken.We spenderen de hele avond samen, hij stel veel vragen over de situatie in de Westerse wereld, het wordt een interessante vergelijking tussen de twee stelsels. Wilson is niet in de Partij, maar toch wel geïnteresseerd in de dagdagelijkse politieke situatie. Zijn analyse ligt dicht bij de mijne: China zit ergens tussen socialisme en kapitalisme, dat is op termijn niet houdbaar; al valt het moeilijk te voorspellen wanneer en in welke richting de bal zal rollen.We kletsen tot hij ei zo na het sluitngsuur van zijn peda – 11 uur- mist.  Nu nog proberen een tweede bron te vinden om mijn informatie vollediger te maken en dan krijgen jullie er een speciaal aretikeltje over.  En nog enkele belangrijke nieuwtjes:Woensdag komt Lieve hier aan. Vandaag vier uren aan het poetsen geweest, inclusief ruiten wassen; wie had dat nog gedacht op mijn oude dag. Om haar te kunnen afhalen moet ik de Franse les kunnen verplaatsen; de verantwoordelijke van de Franse afdeling heeft echter nog niet geantwoord op mijn verzoek. Ik heb soms de indruk dat die afdeling me gewoon vergeten is. De Engelse niet: die roepen maandag alle buitenlanders samen voor een WERKlunch; of wordt het een werkLUNCH?En het volgende nummer van het weekblad Solidair bevat een interview met mij, afgenomen in België. “Leven als een Chinees onder de Chinezen”. Voor wie niet aan het tijdschrift kan geraken, probeer het internet eens.Terwijl ik dit zit te schrijven geeft de Chinese sportzender de rechtstreekse reportage van de GP van Francorchamps…de wereld wordt klein.

Alles verandert… en snel

8 september, 2007, een bijdrage van Frank | Commentaar (0)

Deze week rest van mijn Engelse opstellen verbeterd, en oef, er is toch een duidelijke meerderheid van de studenten die vindt dat studenten als volwassenen moeten behandeld worden! Ik vergat vorige week nog te vertellen hoe ‘assepoester’ me twee uur bezig hield om een toespraak te verbeteren waarmee ze aan een wedstrijd wil deelnemen; maar mijn extra inspanningen werden beloond! Ze kwam af met één appel en één peer – niet veel zaaks-, plus twee zakjes bekende plaatselijke caramellen, een soort nouga met chocolade rond; hoe kon ze mijn smaak raden? Engelse les geven draait nog niet rond. Collega Lili is aangeduid als mijn coach en spendeert met een technicus een halve namiddag om me de uitrusting en software van het internetlokaal uit te leggen. Maar het lukt me niet mijn bestanden in de klas van het internet te halen; twee keer een kwartier les verknoeid met als enig resultaat dat er nu een Trojaans paard in het universiteitsnet zit! Ten einde raad dan maar een nieuwe flash memory gaan kopen (10 euro) en hopen dat het daarmee volgende week lukt. Ook de leerlingen vinden het maar niets dat gesofistikeerd materiaal ongebruikt te laten. Lili valt erg mee, ze neemt uitvoerig haar tijd voor me, echt on-Chinees; ze behaalde haar licentie Engels aan de VUB!

Vorige zondag trokken we zoals gepland op bezoek naar het museum van Zhang Xueliang. Afspraak met lerares Bonestaak om 10h; mijn Amerikaanse collega Bob en zijn vrouw zijn geïnteresseerd om mee te gaan. Ik dacht aan een bezoekje van een uur of twee, maar om halfvijf moeten de suppoosten ons aan de deur zetten. Dat museum is ontzettend groot en de Amerikanen nemen voor alles de tijd. Zhang Xueliang volgde zijn vader op als krijgsheer; ze waren de onofficiële keizers van noordelijk China tussen 1911 en 1931; middeleeuwse toestanden, zijn vader had zes vrouwen met zes appartementen; de vrouwen mochten nooit samenkomen, de zonen moesten apart eten van de dochters enz.enz. Zhang zelf had ‘maar’ twee vrouwen. Waarom is hij een nationale held? Zijn vader werd vermoord door de Japanners omdat hij hun verovering van China dwarsboomde; en Zhang zelf werd door de Jappen afgezet en moest emigreren. Daarna sloot hij zich aan bij de Guomindang regering van Chiang Kaishek om tegen de Japanners te vechten, maar Chiang liet hem de communisten uitroeien. Onze Zhang was niet akkoord, nam Chiang gevangen in Xian en dreigde hem terecht te stellen indien hij geen akkoord met de communisten tegen de Japanners afsloot. Het leverde Zhang eeuwige roem en populariteit op in de Volksrepubliek, maar Chiang liet hem opsluiten en later onder huisarrest plaatsen in Taiwan; hij was de 80 voorbij toen hij vrij kwam, emigreerde naar Hawai en werd honderd jaar. Het museum is het paleis van de Zhangs, met woonvertrekken plus alle ‘ministeries’ van die tijd. Het grootste is dat van financiën, met de ‘Grensbank’ die eigen geld uitgaf. In dit deel is een apart museum over de geschiedenis van het geld, veel info maar niets verstaanbaar, veel munten en briefjes maar van Belgische franken hebben ze niet gehoord; voor zover ik kan opmaken wordt er ook niets gezegd over de de band tussen geld en kapitalisme; er is zaal over beurzen met een grote stier, en de reconstructie van een toenmalige bank, vol met volk; je gelooft je ogen niet, al de klanten en personeel zijn wassen figuren, er lopen er geen half dozijn echte tussen; griezelig; er was toen een speciaal loket voor buitenlanders, er staat een Jood aan; zo’n loket hebben we nu niet meer!

De bouwwerken in onze buurt blijven me aantrekken; ik maak deze week weer drie fietstochten op de ex-buiten.; de paar dorpen van vorige week zijn intussen plat gelegd; het traject van de nieuwe wegen is langer geworden; in twee nieuwe wijken is de ruwbouw al af. Het lukt me een van de borden met uitleg te ontcijferen: tegen 2010 komt hier een nieuwe stad van 280 vierkante kilometer, met één miljoen inwoners. Een vlugge berekening: dat is 300-350 keer het ‘grote’ project ‘Nieuw Temse’ op de vroegere Boelwerf in Temse. Kan dat wel echt zijn? De planeconomie is officieel afgeschaft, maar hier is ze springlevend!

De universiteit kleurt deze week oranje-wit, de kleur van het trainingspak der eerstejaars, die een week na ons begonnen zijn. Gedurende vier weken krijgen ze een soort militaire opleiding, in alle hoeken en kanten zie je groepen van een paar honderd overdag oefenen, ’s avonds zingen of spelletjes doen. Spandoeken heten hen welkom, de winkels hebben speciale promoties en buiten is er markt waar je alles kan kopen wat een pas aangekomen eerstejaars nodig heeft. Maandag 10/9 is het ‘Feest van de Leraar’. De studentenbond tekent, plakt en schildert borden. Benieuwd of er een geschenkje inzit (vorig jaar niets, maar je weet nooit) . Bij die bond zijn niet alle studenten aangesloten, zoals ik eerst dacht; het gaat om een kern van nog geen 10% actievelingen; dat zijn niet noodzakelijk dezelfde als de leden van de partij. Op de campus word ik voortdurend door studenten aangesproken. De franstaligen herkennen, dat begint te gaan; maar de studenten van vorig jaar? en de nieuwe studenten uit de hokjes in de internetklas? Onbegonnen, maar wel prettig. Minder prettig nieuws: Woensdagavond een nieuwe nachtwaker. Waar is de oude Chang, onze trainer? Op pensioen, zijn kleindochter gaat naar school en hij moet haar wegbrengen en afhalen. Gedaan met Xin Yi Liu He Quan. Dinsdagochtend na de training zei ik nog ‘Tot overmorgen’, hij liet me gewoon gaan. Rare jongens, die Chinezen…

Het gezelschap hier lijkt dit jaar een stuk internationaler dan vorig jaar. Bij de buitenlandse studenten niet meer alleen de onvermijdelijke Koreanen, Japanners Russen en Indiërs; ook een Bangladeshi, drie Ghanezen, een Peruviaan, wat Amerikanen van Pennsylvania, en de Belgische leraar Michel; en in de klas zit ‘Fa Lan Ke’ naast een Française, ‘Ma Li You’ – raad maar wat haar voornaam is- die in Italië een licentie Chinees volgt. Ik kan maar naar drie klassen per week gaan, de lerares conversatie doet erg haar best,dat geeft me goede ideeën voor mijn eigen Franse conversatie; de theorieklas is voor de lerares ‘luisteren’ van vorig jaar, ze spreekt nog altijd even snel zonder zich af te vragen of iedereen mee is; gelukkig is het voorlopig herhaling , ik zit immers maar een half niveau hoger dan vorig semester; wel verbijsterend hoeveel al weer weg is uit mijn geheugen!

Deze week ook wat beter kennis gemaakt met mijn nieuwe buurman, een Japanse gepensioneerde leraar Engels. Waarom hij hier is? Omdat Sato, onze vriendin van vorig jaar, hem dat aangeraden had! Zo gaat dat in Japan. Mukundam, de Indische prof, is ook nog mijn buur; hij verhuisde toch niet; zijn leven gaat gewoon verder; elke middag in hetzelfde restaurant gaan eten – Indiërs zijn kieskeurig op hun voeding; en elke avond de drie Indische studenten Indisch laten koken en dat samen in zijn appartement opeten. Volgens hem zijn de Indiërs die hier komen studeren allemaal ‘rijk’; alleen zij kunnen het betalen; zij hebben allemaal hun eigen familiezaak en denken dat Chinees hen daarbij van pas zal komen.

Vanmiddag in de lobby aangesproken door een jongen van 15. Hij komt zijn beklag doen over zijn ouders, vooral zijn moeder die een ‘grote jongen’ zoals hij geen vrijheid willen geven. Hij moet van zijn moeder zo veel mogelijk buitenlanders aanspreken om zijn talenkennis te verbeteren. Hij stelt interesante vragen over Amerika en Engeland maar de communicatie is moeizaam; het ziet er wel een heel intelligente gast uit. Bij het weggaan bots ik op zijn moeder; hij is eigenlijk nog maar 14, studeert piano en komt hier een gespecialiseerde middelbare school volgen die aan onze unief verbonden is; zijn moeder is hier om hem in het oog te houden en heeft een flatje gehuurd in ons gebouw; ze beginnen meteen ruzie te maken terwijl ik erbij sta.

Opnieuw met de zwarte Amerikaanse Jim gaan eten, ze stelt me voor aan een vriend uit Afrika, ik vraag van welk land en ze blijft herhalen ‘Afrika’, tot die gast zelf zegt dat Afrika een continent is, geen land. Hebben ze in de USA wel lessen aardrijkskunde? Malik komt uit Zambia, studeerde in Beijing geneeskunde, werkte een tijdje in Lusaka, en specialiseert zich nu in endocrynologie; hij spreekt vloeiend Chinees, maar woont jammer genoeg in het centrum van de stad; ik zou er wel verder contact mee willen houden. Via hem is Jim een club Afrikanen op het spoor gekomen, ze droomt er nu van volgend jaar in een internationale school in ‘Afrika’ te gaan werken; op zoek naar haar roots? Collega Peter, ook al Amerikaan, is op zijn 55ste voor het eerst vader geworden. Zijn Chinese vrouw, die hij nog maar een goed jaar kent, is 40. Ze spreekt zo goed als geen Engels. Het koppel woont in een flat met twee kamers in onze Amerikaanse business school. Zijn vrouw heeft haar moeder van het platteland laten overkomen om te helpen met de baby; wanneer ze terug gaat zullen ze een ‘a yi’ , een kindermeisje van het platteland – in huis nemen, ‘it is so cheap’. Het kind kwam een maand te vroeg en de bevalling verliep heel moeilijk; resultaat: beschadigde schedel, het kind moest twintig dagen in de kliniek blijven; testen op hersenbeschadiging zijn bezig maar de baby ziet er normaal uit. Deze week had ik ook kans om wat door te praten met Wilson en Yang, beiden jonge leraars en allebei verloofd. Wilson kan de eerste twee jaar nog niet trouwen, hij komt uit een eenvoudig gezin en moet eerst genoeg verdienen om een appartement te kunnen kopen; geen Chinees stadsmeisje dat zich respecteert wil vandaag nog trouwen met een jongen die geen appartement heeft. Als jong koppel een appartement huren is uit den boze. Ik vraag hem of het niet beter is samen iets te kopen, anders staat het meisje zonder iets op straat bij een eventuele scheiding; zijn antwoord: ‘Meisjes denken niet zo ver’ (Ik hoor terloops ook dat het tussen mijn Amerikaanse buur Dan en zijn Chinese verloofde afgesprongen is omwille van haar ‘buitensporige eisen’ voor een nieuw appartement). Yang daarentegen kan voorlopig nauwelijks iets sparen; een deel van zijn loon gaat naar zijn moeder; die is al tien jaar weduwe, woont op het platteland en is ziek; ze kan niet meer boeren; ze zijn wel met vier kinderen zodat de last verdeeld wordt. Om te studeren moest hij een lening aangaan, daarvoor betaalt hij nu vier jaar lang elke maand 35 euro af. Maar Yang is een gelukszak, zijn toekomstige schoonouders hebben een eigen zaak en kochten een appartement voor hun dochter. Hij moet alleen nog wachten tot het er staat.

De Chinese politici zaten deze week ook niet stil: de president ging naar de APEC bijeenkomst in Australië en verklaarde dat China een duurzame, milieuvriendelijke ontwikkeling wil, waarbij de mensen altijd eerst moeten komen. De premier van zijn kant verraste iedereen op de zomerbijeenkomst van het Wereld Economisch Forum in Dalian; in plaats van een goed-nieuws-speech gaf hij onomwonden toe dat China nog voor moeilijke en onopgeloste problemen staat.

    About us

    Frank en Lieve waren al vrienden van China, voor ze elkaar leerden kennen.
    Hij bewondert de Chinezen voor wat ze in enkele decennia verwezenlijkten en volgt met belangstelling de evolutie van het Chinese socialisme. Hij was ingenieur en bezocht China beroepshalve zowat 50 maal. Hij was voorzitter van de Vereniging België-China en bestuurder van de Belgisch Chinese Kamer van Koophandel; hij schrijft in het tijdschrift China Vandaag en geeft regelmatig conferenties over China. Na zijn pensioen gaf hij sinds augustus 2006 als vrijwilliger les aan de Shenyang Normal University.

    Zij is kunstschilder en bezocht China drie keer: in 87 individueel; ze had al andere ontwikkelingslanden bezocht en was onder de indruk: iedereen in dit gigantische land had eten, een woning en nette kledij. In 88 werd ze officieel uitgenodigd om een tekenwedstrijd te jureren. In '89 gaf ze een reisverslag, geïllustreerd met haar schetsen uit: 'Kanttekeningen uit China'. Een selectie van haar schilderijen zijn te zien op: lievedejonghe.be.

    Sinds de zomer van 2008 zijn ze terug in België, waar ze verder activiteiten rond China ontwikkelen..

    Links
    Admin